UitinZeeland - alles wat je wilt weten over kunst en cultuur in Zeeland

redactie UitinZeeland

Deze Podcast geeft een verdieping op het cultureel aanbod in Zeeland. Tevens is het een verlengstuk van het Tijdschrift Uitinzeeland. Waarbij de uitgebreide interviews met makers en organisatoren van culturele activiteiten in Zeeland aan het woord komen. UitinZeeland is een samenwerkingsverband tussen omroep Zeeland en de Zeeuwse Cultuur Agenda. De gesprekken tussen de redactie en makers in Zeeland zijn een mooie aanvulling op het pallet dat met het internetplatform www.uitinzeeland.nl, het tijdschrift, radio tips en televisie aankondigingen.

  1. 2026 UitinZeeland - de  zomerserie - Maritiem Muzeeum in Vlissingen (260207)

    18 mei

    2026 UitinZeeland - de zomerserie - Maritiem Muzeeum in Vlissingen (260207)

    Het Maritiem Muzeeum presenteert het schip - het Vliegend Hert – een tijdcapsule uit de VOC-tijd Gasten: Ralph Zijlemans – junior conservator, Maritiem Muzeeum Zeeland Hannah Mollen – communicatiemedewerker, Maritiem Muzeeum Zeeland Een fatale beslissing In de winter van 1735 liggen twee VOC-schepen twee maanden voor de rede van Vlissingen te wachten op beter weer. Als de ongeduldige schipper denkt dat het weer omslaat, geeft hij het sein om uit te varen. De wind draait opnieuw. De loods maakt fouten. Het schip loopt vast op een zandbank, komt nog één keer los – en verdwijnt diezelfde avond alsnog in de golven voor de kust bij Oostende. Ooggetuigen zien mannen wanhopig op het dek staan schreeuwen om hulp. Sommigen lossen geweerschoten om aandacht te trekken. Tevergeefs. De storm is te zwaar, de zee te woest, en het water ijskoud. Binnen enkele minuten na de val is onderkoeling dodelijk. In die nacht verdrinken meer dan tweehonderd mannen. De twee schepen heten de Catharina en het Vliegend Hert. Bijna niemand overleeft. Wat er bewaard bleef De volgende ochtend steken de masten van het gezonken schip nog boven water uit. Het schip lag op slechts vier à vijf meter diepte. Het houten schip zelf is grotendeels verloren gegaan – maar op de zeebodem bleef een opmerkelijk rijke verzameling persoonlijke bezittingen bewaard. Wat het verhaal van het Vliegend Hert uniek maakt: het schip verging vrijwel direct na vertrek, tijdens zijn tweede reis. Daardoor geeft het wrak een bijna compleet beeld van hoe een VOC-schip eruitzag op het moment van uitvaren. Het schip werd gebouwd in 1729 en voer voor de VOC tussen Zeeland en Batavia (het huidige Jakarta). De vondsten: een schip vol geheimen Al kort na de ramp probeerden duikers goud- en zilverstukken – bestemd voor de handel in Azië – uit het wrak te redden. Maar veel bleef achter. Eeuwenlang lag het schip begraven onder zand, schelpen en slib. Pas vanaf de jaren tachtig werd er opnieuw serieus onderzoek gedaan. Wat tevoorschijn kwam, was niet alleen handelswaar – maar ook de persoonlijke spullen van de bemanning. Dingen die nooit op een officiële vrachtlijst stonden. Enkele bijzondere vondsten: Een dobbelsteen – terwijl gokken aan boord verboden was Een zijden kous – waarschijnlijk geconserveerd door de modder van de zeebodem Een wijnfles met wijn erin én resten van het etiket Smokkelkistjes met verboden goederen Delen van een trompet of hoorn – terwijl op de bemanningslijst geen trompettist stond Een tinnen lepel met de letters "LK" – na archiefonderzoek te herleiden tot Laurens Koppejan uit Westkapelle, verantwoordelijk voor de munitie aan boord Archeologie als detectivewerk:  Via initialen op voorwerpen konden onderzoekers soms een directe link leggen met echte mensen. Op het deksel van een zeemanskist staan initialen die leiden naar Abraham de Jonge uit Vlissingen – 52 jaar oud, vader van meerdere kinderen. Slechts enkele maanden vóór zijn dood werd nog een zoon geboren, vernoemd naar hemzelf. "Dan krijgt zo'n object ineens een heel ander gewicht," zegt Ralph. "Je haalt niet alleen een voorwerp boven water, maar een compleet leven." Via archieven reconstrueren onderzoekers waar deze mannen woonden, met wie ze trouwden, hoeveel kinderen ze hadden – en soms zelfs wie hun salaris ontving terwijl zij op zee zaten. De schaduwkant van de VOC De tentoonstelling laat ook de harde kant zien. Aan boord was de ongelijkheid enorm: Vooraan op het schip leefden matrozen en soldaten opeengepakt in benauwde ruimtes, op een dieet van hard brood, stokvis, bonen en bier. Scheurbuik en ziekte lagen voortdurend op de loer. Achterin zaten de officieren aan gedekte tafels, met warme maaltijden en wijn. Veel bemanningsleden waren arbeidsmigranten: Duitsers, Noren, Fransen en Polen die hoopten geld naar huis te sturen – maar vaak eerst werden uitgebuit door ronselaars die hen tegen hoge schulden de VOC in werkten. Ook weesjongens uit Middelburg verdwenen zo richting zee. "Het is eigenlijk een mini-samenleving," zegt Ralph. "Met alle spanningen die daarbij horen." Beleving in het museum De tentoonstelling in het Maritiem Muzeeum Zeeland is een echte ontdekkingstocht. Bezoekers kijken niet alleen naar vitrines, maar worden het verhaal in getrokken: Kinderen kunnen zelf "schatten" opvissen met magneten uit een vijver in de binnentuin Interactieve installatie: probeer een schip veilig over de Westerschelde te loodsen en ontdek hoe ingewikkeld navigeren in de 18e eeuw was Rondleidingen door Ralph Zijlemans, die zichtbaar gepassioneerd vertelt over het onderzoek Uitzicht vanuit de museumtoren over de monding van de Westerschelde Praktisch Maritiem Muzeeum Zeeland, Vlissingen Website: muzeeum.nl Tip: fijn om naartoe te gaan als het regent of juist te warm is buiten

    42 min.
  2. 18 mei

    2026 UitinZeeland- zomerserie - Festival zomer (260206)

    De Zeeuwse Festivalzomer: samen sterk, maar hoe precies? Gast: Dennis Sommeijer – bestuurslid Stichting Zeeuwse Festivalzomer, al 30 jaar betrokken bij Klomppop (sinds 2024 als programmeur) Ook betrokken bij de Festivalzomer: Marcel Verhaar – Vestrock Peter van Hanegem – Weijtjesrock Hoe het begon Het begon met een toevallige ontmoeting. Elk jaar kwamen Zeeuwse festivalmakers elkaar tegen in Groningen, tijdens Eurosonic Noorderslag – het grote Europese showcasefestival voor opkomend muziektalent. Daar praatten ze over hoe ze het in Zeeland deden. Totdat iemand opmerkte: waarom doen we dit niet gewoon thuis? Dat gesprek verplaatste zich naar Zeeland. Ze dachten aanvankelijk aan zo'n 20 festivals. Maar telkens meldden zich nieuwe deelnemers. Nu zijn het er 80. Vier jaar geleden startte de Zeeuwse Festivalzomer officieel. Sinds een jaar is het een stichting. Wat is de Festivalzomer precies? Eerlijk antwoord: dat is nog in ontwikkeling. "We noemen het een samenwerkingsverband," zegt Dennis. "Maar wat we precies zijn, is eigenlijk nog steeds zoeken." Drie pijlers staan wel vast: Gezamenlijke promotie – Zeeland als festivalbestemming op de kaart zetten Kennisdeling – van duurzaamheid tot regelgeving tot praktische uitdagingen Belangenbehartiging – de sector een gezamenlijke stem geven Hoe die pijlers precies worden ingevuld, verschilt per festival en per situatie. Niet alles is voor iedereen even relevant – en dat is ook oké. Groot en klein, pop en klassiek Het collectief is opvallend divers: groot en klein, commercieel en volledig vrijwillig, pop, dance en klassiek. Maar het zijn wel allemaal muziekevenementen, en dat vormt de rode draad. Harde scheidslijnen wil de Festivalzomer niet trekken. De samenwerking is soms breed, soms heel specifiek. Soms een appgroep, soms een bijeenkomst, soms een gezamenlijk initiatief. Wat doen ze níet samen? Programmering blijft nadrukkelijk bij de festivals zelf. "Iedereen moet zijn eigen identiteit houden," zegt Dennis. De Festivalzomer richt zich juist op de dingen die minder zichtbaar zijn maar veel tijd kosten: regelgeving, vergunningen, duurzaamheid, praktische vraagstukken. "Laat festivals bezig zijn met wat ze leuk vinden – de artistieke kant. En laten wij de dingen die minder leuk zijn samen uitzoeken." Festivals als proeftuin Een van de mooiste ideeën uit het gesprek: festivals als mini-maatschappij. Een plek waar je dingen kunt uitproberen die elders te ingewikkeld of te risicovol zijn. Concreet voorbeeld: een waterstofaggregaat als alternatief voor dieselaggregaten. Als je dat ergens achter in de polder test, kun je een geslaagde technische test doen – maar de impact blijft klein. Op een festival staat zo'n installatie midden in de praktijk: zichtbaar voor publiek, ervaarbaar voor organisatoren, zichtbaar voor andere festivals. "Dan wordt het niet alleen een test, maar ook een verhaal." En juist daar speelt het collectief een rol: één festival kan zo'n stap misschien moeilijk alleen zetten. Maar als meerdere festivals meekijken en aansluiten, verandert de dynamiek. Goede ideeën worden van iedereen. Kwetsbaar, maar veelbelovend De Festivalzomer is ook eerlijk over de kwetsbaarheid. Veel festivals draaien op vrijwilligers. "Als er een paar mensen wegvallen, merk je meteen hoe klein de basis nog is," zegt Dennis. Verbreden, versterken en meer mensen betrekken zijn daarom belangrijke doelen. Financiële ondersteuning kan de professionalisering helpen. De meerwaarde van synergie "Als vijf mensen hetzelfde in hun eigen kamertje zitten te doen, kost dat energie." Samenwerking voorkomt dat. Niet alles hoeft dubbel. Niet alles hoeft opnieuw uitgevonden. Die synergie is moeilijk precies te meten, maar wel voelbaar. Het leidt op langere termijn tot meer kwaliteit, meer aantrekkingskracht en meer zichtbaarheid van Zeeland als culturele bestemming. Niet tachtig losse festivals, maar één zomer die samen iets neerzet. Geen eindpunt, maar een begin De Zeeuwse Festivalzomer is geen afgerond verhaal – en misschien moet dat ook niet. Het is een netwerk dat groeit omdat mensen elkaar vinden. Geen blauwdruk, maar beweging. Meer informatie Eurosonic Noorderslag: eurosonic-noorderslag.nl Zeeuwse Festivalzomer: via de deelnemende festivals of de stichting

    46 min.
  3. 18 mei

    2026 UitinZeeland - de zomerserie - Het Watersnoodmuseum (260205)

    Het Watersnoodmuseum: herinneren, verwerken en vooruitkijken Gast: Barbara Omen, directeur van het Watersnoodmuseum (sinds januari 2026), met een achtergrond in het hoger onderwijs (University College Zeeland en de Hogeschool Zeeland) De locatie: een littekenlandschap Het Watersnoodmuseum ligt bij Zierikzee, langs de Oosterschelde aan de Laan van de Buitenlandse Pers – een naam die zijn oorsprong heeft in de internationale persdelegaties die aanwezig waren bij de watersnoodramp van 1953. Winston Churchill schonk de eerste boom. Het museum is gevestigd in vier betonnen caissons: drijvende constructies waarmee in 1953 het laatste open gat in de dijk van Schouwen-Duiveland werd gedicht. De caissons liggen omgeven door diepe kreken – tot 40 meter diep – die tijdens de ramp zijn ontstaan door dijkdoorbraken en sindsdien niet meer zijn verdwenen. Het landschap zelf vertelt het verhaal. In het Frans heet zoiets een lieu de mémoire – een plek van herinnering. Of dichter bij huis: een littekenlandschap. De ramp van 1953 In de nacht van 1 op 2 februari 1953 trof een van de grootste natuurrampen van de twintigste eeuw grote delen van Nederland, België en Engeland. In totaal kwamen 1836 mensen om het leven. Schouwen-Duiveland was een van de zwaarst getroffen gebieden, met bijna 300 doden. Decennialang werd er nauwelijks over gesproken. Het was de tijd van de wederopbouw: niet zeuren maar doorpakken. In 1993 vond voor het eerst een nationale herdenking plaats – maar voor veel overlevenden voelde die her te ver weg. Dat was de aanleiding voor een groep vrijwilligers uit Zierikzee om de caissons om te vormen tot een herdenkingsplek. Het museum: vier caissons, één verhaal Het museum bestaat uit vier caissons, elk met een eigen thema: Caisson 1 – De feiten: wat er die nacht gebeurde, in historisch perspectief. Caisson 2 – De verhalen: persoonlijke verhalen van overlevenden, oral history. Het museum is een van de grondleggers van de oral history-beweging in Nederland. Vrijwilligers die de ramp zelf meemaakten lopen rond en gaan in gesprek met bezoekers. Denk aan Teun, die als baby in een mandje het water overleefde – en nu achter de receptie staat. Caisson 3 – De wederopbouw: hoe Nederland na de ramp de waterveiligheid aanpakte, de Deltawerken, de Oosterscheldekering. Hier ligt ook de mondiale erkenning voor Nederland als wereldleider in waterbouw. Caisson 4 – De toekomst: volledig interactief, gericht op klimaat en zeespiegelstijging. Met spelvormen, een quiz, een zandbak met waterprojectie en het 'Delta Dilemma' – een keuze­spel over hoe Nederland omgaat met de stijgende zeespiegel. Daarnaast is er een vijfde caisson met de museumwinkel, de Brasserie, een kenniscentrum en bijzondere objecten zoals de radiowerkplaats van Peter Hossveld – de man die van een limonadefles een radio maakte en daarmee het eerste hulpvliegtuig naar Schouwen-Duiveland loodste. Verhalen ophalen: hoe doe je dat? De verhalen zijn het hart van het museum. Maar mensen praten niet zomaar. De gouden regel van Jaap Schoof, die veel oral history voor het museum deed: kom niet met een cameraploeg, maar gewoon met het simpelste opnameapparaat aan de keukentafel. En toch zijn er mensen die het dan nog niet kunnen. De podcast Na het Onheil bevat het verhaal van Riet Vijverberg (80), die voor het eerst in haar leven vertelt wat ze meemaakte – en het nog steeds niet aan haar eigen kinderen heeft kunnen zeggen. Speciale tentoonstelling 2026: Van Ramp naar Ritueel Ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van het museum is er dit jaar een bijzondere thema­tentoonstelling over herdenkingscultuur. Hoe herdenken mensen – persoonlijk, collectief, wereldwijd? Voorbeelden uit de tentoonstelling: Jaap zet elk jaar op 1 februari de slee neer die hij als kind tijdens de ramp zag drijven, steekt een kaarsje aan en draait Voor de Storm van de Amazing Stroopwafels. Nellie Neffs uit Halsteren (West-Brabant) zette een herdenkingstafel op voor de 78 slachtoffers die in haar polder zijn begraven – graven die lang verwaarloosd waren. Uit Aceh (Indonesië): de rol van religie bij collectieve verwerking. Uit Valencia: het reddingsproject voor doordrenkte familiefoto's na de overstromingen. Uit New Orleans: de rol van muziek als herdenkingsritueel. Kunst in het museum Kunst is een volwaardig onderdeel van het museum. Enkele hoogtepunten: Claudie Jongstra en Miep van Riesen – hedendaagse kunstenaars met werken in de vaste collectie. Van Riesen borduurde jarenlang alle 1836 namen van de slachtoffers. Het namenkunstwerk – alle namen geprojecteerd in blauw licht, alsof ze in golven bewegen. Je kunt op een naam klikken en hoort wie die persoon was. Vrijwel elke bezoeker herinnert dit werk. Cindy Bakker – maakte een film waarin vrijwilligers die de ramp meemaakten het geluid van die nacht nabootsen: met hun mond, met bewegingen, met het geluid van water. Aangrijpend en moeilijk te beschrijven. Gedicht Luctor et Emergo – begroet bezoekers al aan de buitenkant van het museum. Kunstenaarsresidentie – het museum nodigt kunstenaars uit om met de geschiedenis van de ramp nieuw werk te maken. Blik op de toekomst: klimaat en waterveiligheid Het vierde caisson is volledig gewijd aan de toekomst. Het museum stelt de vraag: hoe zorgen we ervoor dat zoiets nooit meer gebeurt? Naast de interactieve spellen en het Delta Dilemma werkt het museum ook aan een levende dijk langs de Oosterschelde: een ecologisch ingezaaide dijk die laat zien hoe waterveiligheid en biodiversiteit kunnen samengaan. Het museum fungeert steeds meer als kenniscentrum voor het thema 'bouwen met de natuur'. Praktisch Het Watersnoodmuseum is het best bezochte museum van Zeeland: 91.000 bezoekers in 2024 Ook hoogst gewaardeerd op TripAdvisor in Zeeland Ideaal te combineren met wandelen in het omringende krekengebied Rondleidingen mogelijk, ook door vrijwilligers die de ramp zelf meemaakten Brasserie aanwezig voor een volledige daguitstap Podcast: Na het Onheil

    40 min.
  4. 18 mei

    2026 UitinZeeland zomerserie - Kunstspoor op Noord-Beveland (260204)

    Kunstspoor Noord-Beveland: kunst op het eiland, voor het eiland Gasten: Peter Bakker – voorzitter Kunstspoor Noord-Beveland Yvonne  Bom– kunstenaar, initiatiefnemer jongerenspoor Janne van Gilst – kunstenaar, organiseert workshops voor basisschoolleerlingen (Op Dreef) Bianca Plune – kunstenaar, bezig met een grootschalig wol project Over Kunstspoor Noord-Beveland Kunstspoor bestaat al 27 jaar en verenigt zo'n 30 professionele kunstenaars op Noord-Beveland. Elk jaar in de twee laatste weekenden van augustus stellen de kunstenaars hun ateliers open voor het publiek. Het hart van de route is de ontmoeting: je komt bij mensen thuis, op het erf, midden in het werk – en je raakt in gesprek. Bezoekers komen uit alle hoeken: 30-40% eilandbewoners, 20-30% toeristen, en zo'n 20% specifieke kunstliefhebbers die speciaal voor Kunstspoor naar Noord-Beveland komen – ook vanuit België en Duitsland. Veel locaties werken met gastexposanten, zodat het programma gevarieerder wordt en ook kunstenaars van buiten het eiland een podium krijgen. De gemeente en provincie ondersteunen Kunstspoor financieel. Jong talent: Jongerenspoor Yvonne en Bianca namen twee jaar geleden het initiatief voor een apart jongerenprogramma binnen Kunstspoor. Op locatie Hofstede 's-Gravenhoek krijgen jongeren een schuur als expositieruimte en persoonlijke begeleiding. De groep is divers: van middelbare scholieren tot studenten aan de kunstacademie in Rotterdam die in de weekenden terugkeren naar het eiland. Ze werken met vrij werk én opdrachten, en worden ook buiten de route begeleid – via WhatsApp, met feedback op ingezonden werk. Een van de deelnemers, 16 jaar, won onlangs de tweede prijs bij Kunstbende – mede dankzij dat begeleidingstraject. Voor de allerkleinsten: Op Dreef Janne organiseert op haar locatie workshops voor basisschoolleerlingen, als onderdeel van het bredere programma op dreef. Scholen worden vooraf betrokken via een kennismakingsworkshop in de klas. Het doel: iedereen laten ervaren wat kunst is, wat een kunstenaar doet – en laten zien dat het een echt vak is. Juist op het platteland, waar het aanbod kleiner is dan in Middelburg of Vlissingen, is zo'n lokaal initiatief van groot belang. De workshops op het erf bieden een heel andere sfeer dan een stedelijk kunsthuis. Poëziewedstrijd: De Marland Poëzieprijs Elke drie jaar organiseert Kunstspoor de Marland Poëzieprijs – een poëziewedstrijd voor het hele Nederlandse taalgebied. Dichters uit Nederland en België kunnen gedichten insturen rond een vooraf bepaald thema, altijd verbonden aan het eiland (eerder: eiland, roer, Noord-Beveland, water). Een jury beoordeelt de inzendingen – gemiddeld zo'n 400 per editie. De winnende en genomineerde gedichten worden gebundeld in een boekje met illustraties van Kunstspoor-kunstenaars, te koop tijdens de kunstroute. Daarnaast worden de gedichten op grote spandoeken geëxposeerd, samen met een bijpassend kunstwerk, verspreid over verschillende locaties. In 2027 vindt de zevende editie plaats. Eind van dit jaar bepaalt de jury het thema. Bijzonder project: de wereldbol van Bianca Bianca werkt aan een grootschalig kunstwerk: een ijzeren bol van vijf meter doorsnede, bekleed met de vachten van zo'n 200 geschoren schapen. In de wol wordt een tekst gevilt: 'I can help' – in donkere wol op naturel, leesbaar door contrast. De boodschap achter het project: we zijn onze verbinding met natuurlijke materialen kwijtgeraakt. Wol wordt massaal verbrand als afval, terwijl het een uitzonderlijk materiaal is – isolerend, bacteriedodend, circulair toepasbaar in landbouw en bouw. Het vilten gebeurt samen: met vrijwilligers, studenten van kunstacademies (Sint-Joost Breda, anderen), basisschoolleerlingen van de Vrije School Middelburg en iedereen die wil meedoen. Bianca biedt logeerruimte voor kunstenaars en studenten die meeholpen. Het project startte in mei. Nieuwe kunstruimte: Catharina Maria hof aan de Jacobadijk, Kamperland Janne en haar man Gino (beiden opgeleid aan de kunstacademie in Den Haag, daarna vijftien jaar woonachtig in Den Haag) zijn vier jaar geleden teruggekeerd naar Noord-Beveland om het familieërf aan de Jacobadijk bij Kamperland over te nemen. Het erf heeft een geschiedenis als akkerbouwbedrijf, camping en zorgboerderij. Sinds 2022 organiseren ze er exposities in de voormalige landbouwschuur – inclusief twee oude koelcellen voor aardbeien, die verrassend goed geschikt blijken voor exposities en video projec­ties. Vorig jaar was het thema 'Onrust in de Polder', met uitgenodigde kunstenaars die nieuw en bestaand werk toonden. Samen met architectenbureau LADIDA (Den Haag) werken ze aan plannen om de schuur geleidelijk om te bouwen – met behoud van de rauwe sfeer die bezoekers en kunstwerken goed bevalt. Dit jaar starten ook workshops, waaronder over leem- en strobouw. Wanneer en waar Kunstspoor Noord-Beveland: twee laatste weekenden (22-23 en 29-30) van augustus Ateliers verspreid over het eiland, open voor iedereen Meer info: website Kunstspoor Noord-Beveland

    39 min.
  5. 18 mei

    2026 zomerserie UitinZeeland - expositie de Zeeuwse Kunstkring - Warenhuis Axel (260203)

    Shownotes – Uit in Zeeland Expositie Ooghoogte – Zeeuwse Kunstkring te gast in het Warenhuis, Axel Gasten: Johan Klein – kunstenaar en bestuurslid Zeeuwse Kunstkring, werkzaam vanuit Terneuzen Adri Geelhoed – kunstenaar en secretaris Zeeuwse Kunstkring Over de Zeeuwse Kunstkring De Zeeuwse Kunstkring bestaat al sinds 1958 en verenigt kunstenaars uit heel Zeeland. Leden worden geballoteerd: er wordt gekeken naar kwaliteit en wat iemand toevoegt aan de kring. De club telt momenteel zo'n 25 leden – schilders, fotografen en beeldende kunstenaars die ruimtelijk werk maken in brons of steen. Twee keer per jaar organiseert de kunstkring een expositie: een vaste winterexpositie in de Vleeszaal (al bijna 60 jaar) en een wisselende zomerexpositie op een andere locatie door heel Zeeland. Dit jaar is dat het Warenhuis in Axel. De expositie: Ooghoogte De titel Ooghoogte verwijst naar de manier waarop het Warenhuis al lang kunst ophangt – altijd met het midden van het werk op ooghoogte, overzichtelijk en rustgevend. Maar de naam is ook poëtisch bedoeld: het gaat om wat je ziet, en hoe je kijkt. De expositie toont werk van 21 kunstenaars en biedt een grote verscheidenheid: abstracte werken, figuratieve schilderijen, landschappen, mensfiguren, fotografie en beeldend werk. Formaten en technieken lopen sterk uiteen. Het werk is bewust gecureerd door Johan en Adri: werken zijn bij elkaar gezocht die samen een verhaal vertellen. De inrichting nodigt uit tot aandachtig kijken. Praktisch: Te zien in het Warenhuis, Axel Duurt een half jaar Alles is te koop – van goedkoop tot duur Catalogus Ooghoogte verkrijgbaar voor €2,– met achtergronden over de deelnemende kunstenaars Hoogtepunt: installatie Permeabel Een bijzonder onderdeel van de expositie is de gezamenlijke installatie Permeabel, gemaakt door Adri Geelhoed, Leen van Duivendijk en Gerda Schouten. Gerda maakt textielkunst van organzadoeken, bewerkt met verfbaden op natuurlijke basis. Leen maakt waterschilderijen. Adrie maakte een video waarin de waterschilderijen van Leen tot leven komen – bewegend, gelaagd, en aangevuld met beelden van vluchtelingenbootjes, de watersnoodramp en de Zeeuwse natuur. Die video wordt geprojecteerd op de transparante organzadoeken die aan draden naar beneden hangen. Een ventilator zorgt voor beweging. De muziek – Piano Ship van Matibai  Het resultaat: een sprookjesachtige ruimte die je wegvoert. Moeilijk te beschrijven, de moeite waard om zelf te ervaren. Activiteiten rond de expositie Rondleidingen door kunstenaars van de kring – ook voor kunstbarbaren. Bezoekers worden uitgedaagd om zelf een foto te maken van een werk dat hen aanspreekt en na afloop te vertellen wat hen trekt. 6 juni – Op pad in het landschap: vier kunstenaars (Johan Klein, Adri Geelhoed, Leen van Duivendijk en Glenn Priester) vertellen binnen aan de hand van schilderijen en foto's wat het Zeeuwse landschap met hen doet. Online te volgen Website Zeeuwse Kunstkring – ook korte video-impressies van de expositie Instagram: Klein Beeld (Johan Klein) Facebook: Zeeuwse Kunstkring Aanrader Kom kijken in het Warenhuis in Axel: een prachtig Art Nouveau-gebouw als decor, 21 kunstenaars uit heel Zeeland, een meeslepende video-installatie en de mogelijkheid om werk mee naar huis te nemen.

    24 min.
  6. 18 mei

    2026 Uitinzeeland zomer serie Het warenhuis - kunst, handel en familiegeschiedenis (260202)

    Het Warenhuis in Axel: kunst, handel en familiegeschiedenis deel 1 het gebouw Gasten: Amar Antheunis – kleinzoon van de oprichter, heeft zelf in het pand gewoond (deel1) Johan Klein – Zeeuwse Kunstkring (deel 2) Ari Geelhoed – kunstenaar, Zeeuwse Kunstkring (deel 2) Over het Warenhuis Het Warenhuis aan de Markt in Axel (vroeger Oostdam/Walstraat) is een bijzonder stukje Zeeuws erfgoed. Het gebouw combineert Art Nouveau-decoratiekunst met de commerciële ambitie van een vroeg twintigste-eeuws warenhuis – en heeft inmiddels monumentenstatus. De oprichter: een kunstenaar met een zakenvrouw aan zijn zij Het verhaal begint bij de grootvader van Amar, geboren in 1875 in Axel. Na de lagere school – er was geen middelbare school, dus hij zat er twaalf jaar – volgde hij elke zondag tekenlessen in Hulst. Daar lag de kiem van zijn kunstenaarschap. Via een schildersbedrijf in Zelzate belandde hij bij de Sint-Lucasschool in Gent, waar hij vier jaar decoratiekunst studeerde en afstudeerde met een eervolle vermelding. Op advies ging hij daarna naar Brussel, waar hij studeerde aan de wieg van een nieuwe kunststroming: Art Nouveau / Jugendstil. Hij leerde het vak van de founding fathers van die beweging. In 1898-1899 keerde hij terug naar Axel, ontmoette zijn toekomstige vrouw – een ondernemende dame uit Nijmegen – en trouwde met haar in 1901. Zij bleek de zakenvrouw van het stel. Samen startten ze een schildersbedrijf. Hij verdiende zijn naam door rijtuigen van rijke boeren te lakken in een stofvrije omgeving – een zeldzame vaardigheid die hem al snel bekendheid opleverde. Het gebouw In 1910 bouwden ze een woning met winkel en schilderswerkplaats aan de Oostdam. De grootvader beschilderde het gebouw van onder tot boven: plafonds, wanden, stucwerk – hij was totaalkunstenaar. Ook de glas-in-loodramen ontwierp en maakte hij zelf. Dat werk kostte hem zeven jaar. Aangrenzend bouwden ze daarna een volledig nieuw pand: een warenhuis, geïnspireerd op bezoeken aan Brussel, Antwerpen en Parijs. Het Parijse Bon Marché was het grote voorbeeld. Voor Zeeland was dit een uniek concept: meerdere etages, een groot assortiment van levensmiddelen tot huishoudartikelen – van groot naar klein ('aan de gros' en 'aan de taai', zoals op de gevel stond). De woning bleef bewoond; via de tuin had men toegang tot de winkel. Het warenhuis zelf was puur bedrijfsruimte, van onder tot boven. Van warenhuis naar monument In 1937 nam de vader van Amar het bedrijf over. De grossierderij verdween langzaam – kleine winkels op het platteland slonken – en maakten plaats voor woninginrichting. De beschilderde wanden raakten in die periode achter behang verborgen. Later wilde de volgende generatie (Amars broer) het pand verbouwen en moderniseren. Maar juist toen bleek het gebouw – zowel binnen als buiten – monumentenstatus te hebben gekregen. Verbouwen was niet meer mogelijk. Het bedrijf moest stoppen. De gemeente Terneuzen kocht het pand, waarna het tien jaar leegstond. In die periode liepen de pannen van het dak en regende het naar binnen, met schade aan de beschilderde wanden tot gevolg. Uiteindelijk besloot diezelfde gemeente het pand te bestemmen als streekmuseum. Bij de restauratie kwamen de muurschilderingen weer tevoorschijn – en bleek de schade aanzienlijk. Het museum vandaag Het Warenhuis huisvest nu het streekmuseum van Axel. De Art Nouveau-schilderingen zijn gerestaureerd en zichtbaar, met name in de woning (wanden én plafonds) en het warenhuis (plafond). De bovenverdieping is recent volledig toegankelijk gemaakt. Het gebouw is niet alleen museumcollectie, maar ook het decor zelf: een tijdsbeeld van het begin van de twintigste eeuw, van Art Nouveau tot vroeg Nederlands warenhuisconcept. Amar Antheunis, inmiddels de laatste van drie generaties die het pand bewoonden en runden, is trots op wat zijn familie heeft nagelaten – en te spreken over zijn ervaring als je hem tegenkomt bij een bezoek. Aanrader Een bezoek aan het Warenhuis in Axel is een aanrader – zeker nu de volledige restauratie afgerond is en de bovenverdieping te bezichtigen is. Locatie: Markt 2A, Axel Meer info: via de gemeente Terneuzen of het streekmuseum Axel

    18 min.
  7. 2026 Zomerserie UitinZeeland Terra-Maris (260201)

    18 mei

    2026 Zomerserie UitinZeeland Terra-Maris (260201)

    Museum Terra Maris: natuur, cultuur en middeleeuwse festijnen Gast: Carolien Schaap, hoofd educatie, communicatie en tentoonstellingen bij Museum Terra Maris in Oostkapelle Over Terra Maris Museum Terra Maris is gevestigd in de voormalige koetshuis en orangerie van Kasteel Westhove, midden in de Manteling – een Europees uniek natuurgebied met loofbomenbos aan de zeekust. Het museum is partner van het Zeeuws Landschap en richt zich op de bijzondere Zeeuwse natuur, van duinen tot deltawateren. Carolien werkt er al 18 jaar en heeft een achtergrond in de hotelschool – met als kracht: je verdiepen in de doelgroep en servicegericht denken. Highlights uit dit gesprek De locatie De route naar het museum is al een belevenis: langs historische lindelanen, langs een 'olifantenpaadje' waar vroeger het voetvolk liep, en langs Kasteel Westhove (nu een StayOkay hotel). Het museum zelf heeft een glazen entree-cubus met winkel en museumcafé – ook te bezoeken zonder museumticket. De collectie De vaste opstelling toont de Zeeuwse natuur op beleefbare wijze. Op de zolder bevindt zich een indrukwekkende collectie opgezette dieren – uitsluitend Zeeuwse exemplaren met eigen verhalen. De museummissie: bij iedere bezoeker minstens één verwonderingsmoment creëren. De tuin De tweeënhalf hectare grote landschapstuin – genomineerd als een van de vijf mooiste kasteeltuinen van Nederland – is officieel museumstuk. Alle Zeeuwse landschapstypen zijn er in teruggebracht. De tuin heet ook wel Hortus Celandiae. Relatie met het Zeeuws Landschap Tot 2005-2006 heette het museum het Zeeuws Biologisch Museum. Toen het dreigde om te vallen, nam het Zeeuws Landschap het over. Die samenwerking zorgt voor een unieke kennisbank van ecologen en biologen, en een gedeelde educatieve missie: uitleggen waarom de natuur bescherming verdient. Middeleeuws Festijn – hoe cultuur toeristen trekt Vroeger had Terra Maris roofvogeldemonstraties die jaarlijks 5.000 bezoekers trokken – mensen die niet voor het museum kwamen, maar puur voor de show. Vanwege ethische bezwaren (geketende vogels, illegale handel) werd hiermee gestopt. De vervanging? Een mottekasteel op de vliedberg op het museumterrein, gebouwd in 2011 als replica van een middeleeuws houten torenkasteel. Vliedbergen – vroeger meer dan 200 in Zeeland, nu nog zo'n 32 – waren geen grafheuvels, maar bouwsels van rijke boeren: een combinatie van voedselopslag, statusvertoon en bescherming bij overstromingen. Het festijn zelf: Elke dinsdag in de zomer, van 18:00 tot 20:30 Activiteiten: boogschieten, brood bakken op open vuur, nar/vuurspuwer, historische spelletjes Kleine toeslag bovenop de normale entree (€2,50) Trekt veel toeristen van campings in de regio, ook Duitsers Promotie via driehoeksborden, Zeeuwse Cultuuragenda en posters naar campings Blik op de toekomst In 2028 wordt de volledige vaste opstelling vernieuwd. Plannen: Een tweede trap die de historische gewelven toegankelijk maakt als bezoekersruimte Hernieuwd verhaal met duidelijke rode draad Heroverweging van digitale middelen (VR, hologrammen) versus de waarde van echte natuur De centrale vraag: hoe bewaar je de balans tussen moderne beleving en oprechte verwondering voor de echte wereld? Meer informatie Website Museum Terra Maris: terramaris.nl Zeeuws Landschap: hetzeeuwslandschap.nl

    44 min.

Info

Deze Podcast geeft een verdieping op het cultureel aanbod in Zeeland. Tevens is het een verlengstuk van het Tijdschrift Uitinzeeland. Waarbij de uitgebreide interviews met makers en organisatoren van culturele activiteiten in Zeeland aan het woord komen. UitinZeeland is een samenwerkingsverband tussen omroep Zeeland en de Zeeuwse Cultuur Agenda. De gesprekken tussen de redactie en makers in Zeeland zijn een mooie aanvulling op het pallet dat met het internetplatform www.uitinzeeland.nl, het tijdschrift, radio tips en televisie aankondigingen.