Evenwicht, je leven

Paula Hijne

Evenwicht, je leven De podcast over het zintuig evenwicht.  Ervaringen en informatie over ons zintuig evenwicht. De evenwichtsorganen in ons binnenoor zijn onderdeel van een complex evenwichtssysteem, waardoor we alles kunnen doen wat we doen. Elke actie is namelijk mogelijk door dit bijzondere zintuig evenwicht.  In deze podcast komt ook het psychisch evenwicht aan bod. Kortom, evenwicht in de breedste zin van het woord.  'Evenwicht, je leven' is de podcast van Paula Hijne. Zij is auteur van het boek 'Evenwicht in uitvoering, hoe ons evenwicht werkt'. https://evenwichtinuitvoering.nl/

  1. Aug 5

    4 Dichtbij

    Wat ik later worden, is de vraag die ik mij zelf heb gesteld. Via allerlei wegen ben ik bijna waar ik zijn wil. Maar klopt dat wel? (afb Danielle Postma) Volledig transcript Welkom bij de podcast 'Evenwicht, je leven', de podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. En dit seizoen 12, aflevering 4: Dichtbij. Het is nu midden in de zomer. In de zomerschoolvakantie zelfs. En we zijn thuis. Dat is best vreemd, want we hebben ons hele leven vakantie gehouden in de zomerschoolvakantie. En dat komt omdat mijn man ook heel lang nog in het onderwijs heeft gewerkt, dus we waren afhankelijk van die zomerschoolvakantie. Hoewel, in corona-tijd zijn we natuurlijk twee jaar thuisgebleven, 2020, 2021, toen waren we ook niet weg. Maar al die andere vakanties waren we altijd, net als heel veel andere gezinnen, op vakantie en gingen we dus naar de camping in de zomer. En nu zijn we thuis, want we zijn al op vakantie geweest. De lange vakantie is al geweest. En de hele omgeving, ja die mensen zijn allemaal nu op vakantie. Het is ook rustig in het dorp. Aan de andere kant weer niet, want er zijn ook weer heel veel toeristen die door het dorp lopen, dus er is nog genoeg te beleven. Maar voor mijn gevoel is het echt ..ehm.. heel anders deze weken.  We zijn wel begonnen met de garage opruimen. Het is mooi weer, dus heel veel spullen kunnen naar buiten. Die garage willen we namelijk opnieuw inrichten. We willen een andere vloer. Die vloer ligt er al vanaf begin af aan in. Het is een paar keer nat geworden daar. Het is goed dat daar een keer een andere vloer komt. We willen behang, in plaats van schilderen. En we willen kasten, in plaats van planken. We hadden altijd planken en daar stonden allerlei kratten weer op, vol met spullen. Het zag er altijd een beetje slordig uit. Dat mag natuurlijk ook in een garage, maar we willen het opruimen. We willen daar kasten neerzetten, zodat we alles dicht kunnen doen, waar deuren allemaal zitten. Zodat het allemaal wat overzichtelijker wordt. Wat makkelijker dat we erbij kunnen.  En het gaat dan om het achterste deel van de garage, want het voorste deel dat is mijn praktijkruimte. Daar ontvang ik de cliënten die bij mij thuis willen komen. Waarmee ik geen online contact heb, maar dus die fysiek bij mij willen komen. Ja, en die ruimte die is nog prima. Daar wil ik wel een ander behang, dat zou leuk zijn, maar het is niet nodig. Dus we houden ons alleen maar aan het achterste deel, dat zijn we dus aan het veranderen. Dan maak ik vandaag geen lange aflevering, want dan kan ik straks weer gaan helpen beneden. Want er is dus genoeg te doen!  Waar ik het over ga hebben, is ja, 't thema is dichtbij. Is naar aanleiding van een uitspraak van Loesje. Je kent wel, die posters en er zijn ook scheurkalenders van en agenda's kun je ervan kopen met uitspraken van Loesje. En dit is zo'n uitspraak: 'Wat ik later worden wil? Wat ik nu ben en een beetje meer.' Dat is dan zo'n uitspraak waarbij ik me meteen afvraag: wat wilde ik als klein meisje worden? Wat wilde ik als klein meisje als ik dan groot was, wat ging ik dan doen?! En ik weet nog dat ik als kleuter zei dat ik schaapherder wilde worden in Australië en anders kleuterjuf. Australië komt, omdat mijn oma die had zussen, die zijn geëmigreerd naar Australië en daar hoorde ik dus verhalen over. En ik was nieuwsgierig naar wat is dat voor een land? En dan blijkt het geen land te zijn, maar een heel werelddeel. Maar ik ben al als klein meisje gaan lezen over Australië. Nou is het ondertussen met die schapen helemaal niets geworden.  Ik ben ook nooit in Australië geweest. En dan het gekke is, dat er vriendinnen zijn en andere mensen in mijn directe omgeving, die wél in Australië zijn geweest. Een vriendin van mij heeft er gewoond, een heel jaar lang zelfs. En een andere vriendin die is daar meerdere keren naartoe geweest en dan was ze ook weken weg. En dan kreeg ik daar ook steeds berichtjes over waar ze allemaal naartoe ging en hoe het was daar. En zelfs mijn eerste vriendje, eh, toen was ik een jaar of 15, ja, ik was 15 jaar, toen kreeg ik verkering en die jongen die ging voor 6 weken meteen naar Australië. We kenden elkaar nog maar net 2 of 3 weken en toen ging hij daarnaartoe. Naar dat land waar ik mijn hele leven al naartoe wilde. Onze zoon Kasper, die is ook voor een half haar in Australië geweest. Hij heeft er zelfs gewerkt en hij heeft daar rondgereisd en zo. En twee goede vrienden van hem, ook die zijn een hele periode in Australië geweest. En dan weet ik ook dat er ook nog verre familie van mijn oma, dat daar kleinkinderen, achterkleinkinderen, dat die daar ook nog steeds wonen. Ik ken ze niet, maar ik zou ze kunnen opzoeken. Die zullen daar zeker nog ergens aan de westkust van Australië nog wonen. Ik ben nooit in Australië geweest. Op dit moment heb ik ook de behoefte niet meer om helemaal daar naartoe te gaan.  Kleuterjuf? Dat ben ik wel geweest. Eerst ben ik in groep 3 begonnen - na de pedagogische academie. En daarna ging ik invallen bij de kleuterklas. En toen we in Zeewolde hier kwamen wonen, kreeg ik een eigen kleuterklas. Wel altijd in een parttimebaan, met iemand anders samen, een duobaan. Ik heb zelfs op de peuterspeelzaal gewerkt. Dat was ook in de tijd dat we hier net in Zeewolde kwamen wonen. Hebben ze me gevraagd of ik een paar keer wilde invallen op de peuterspeelzaal. Maar met jonge kinderen werken, vond ik dus iets heel vanzelfsprekends. En dat begon al als leidster bij de Kabouters. En ik ging ook training geven aan jonge kinderen bij de reddingsbrigade. En daar heb ik dus heel veel ervaringen op gedaan met het werken met jonge kinderen. En ik vond het helemaal niet moeilijk, ik vond het wel logisch om dat te doen. Ik vond het ook helemaal niet moeilijk om steeds iets nieuws te bedenken voor zowel de ..ehm.. bij de scouting niet, als bij de reddingsbrigade niet. Elke keer bedacht ik wel andere oefeningen. En hoe ik erop kwam? Geen idee! Misschien dat ik daar toch ook wel literatuur voor had of zo, boekjes. En ook het omgaan met de kinderen, dat was zoiets gewoons.  Ik heb het één jaar wel heel moeilijk gevonden en dat was toen ik werkte in Stenia, Zonnehuis Stenia. Ik was klaar met de pedagogische academie. Het was toen heel moeilijk in het onderwijs om aan banen te komen, in het onderwijs. Kort daarna veranderde dat, want toen ging het van lagere school naar basisschool en toen kwamen er ineens allerlei banen bij. Maar in dat jaar nog niet. Toen ben ik gaan werken in het Zonnehuis. Dat was in Zeist. En daar ging ik werken met kinderen met een beperking.  En het Zonnehuis, dat is een antroposofisch huis en daar hoefde ik zelf niet antroposoof voor te worden. Ik had daar al tijdens de vakantie al twee jaar gewerkt. Een deel van mijn zomervakantie gebruikte ik dus om aan het werk te zijn. En dat heb ik daar gedaan. Dus ik wist al wel waar ik terechtkwam. Toen ik ging werken op Stenia wilde ik daar graag met de jonge kinderen werken. Maar ik werd ingedeeld bij de oudere jongeren. Jongeren van 10 tot 21 jaar, de pubers. En daar heb ik écht ervaring opgedaan met consequent zijn. Het gekke was, ik was zelf nauwelijks ouder dan de oudste in de groep. Dat was een meisje van 21 jaar. En ik was zelf ook net 21, 22 jaar. En ook de namen uit die groep, waar ik dan een jaar mee gewerkt heb, ook die namen weet ik allemaal nog. Die ben ik nooit vergeten! Dan vraag ik me wel eens af, wat zou er van hen allemaal terecht zijn gekomen? Leven ze nog? Waar wonen ze dan nu? En ik kan me dat nauwelijks voorstellen, want in mijn gedachten blijven ze altijd diezelfde leeftijd houden. Ze hebben wel enorme indruk achter gelaten. Het was een heel intens jaar. En dat zit ook nog wel vers in mijn geheugen, want ik kan het allemaal zo naar boven halen als ik daarover nadenk, dat is zo bijzonder! Later in het onderwijs, heb ik best enkele leerlingen onthouden. Er zijn meerdere leerlingen, die namen, die vergeet je nooit meer. Ja, het gezicht, hoe ze bewogen, al die dingen weet ik dan nog van enkele kinderen, maar niet hele klassen. Maar ik ben dus wel die kleuterjuf geworden die ik vroeger al aangaf: dat wil ik worden. En niet alleen kleuterjuf, maar wel juf ook voor meerdere leeftijden. Alleen, al heel lang ben ik geen juf meer. Vanaf 2008 werk ik niet meer als juf. Voor die tijd had ik nooit gedacht dat ik een eigen bedrijf zou hebben. Dat ik zelfstandig ondernemer zou worden. Ja, zelfstandig ondernemer, tot bepaalde hoogte ben ik dat geweest. Maar ik ben nooit een ondernemer geweest die flinke winst maakte of die aan het groeien was en dan personeel ging aannemen. Maar dat is nooit mijn ambitie geweest. Het starten van het eigen bedrijf was ook ja, min of meer een gedwongen iets, omdat ik niet meer in het onderwijs kon werken en heel graag wel als coach wilde werken. Maar dat kon alleen maar als ik zelf een eigen bedrijf startte, want via dat eigen bedrijf kon ik dus dan opdrachten aannemen.  Maar ja, dat gaat dan allemaal over werk. Over van wie ik ben geworden. Coach, workshop-gever, ik ben presentator en spreker. Ik begeleid de NmG-groep, waar ik me altijd weer even een beetje juf voel. Ik ben auteur geworden, boeken geschreven. Maar dat heeft allemaal met werk te maken.  Maar hoe zit het als persoon? Ben ik de persoon geworden die ik wilde zijn?! En dat weet ik niet! Ik weet niet of ik tijdens al dat werk voor 2006, bezig was met wat voor persoon ik zou willen zijn! Of dat ik bezig was met 'dat ben ik al!' In ieder geval is er vanaf 2006 van alles in gang gezet. Eerst even een tijd niet. Een soort winterslaap heb ik gehouden. Een heleboel kon ik niet en deed ik ook niet. Maar toen ik langzaam opkrabbelde en weer van alles oppakte, was ik bezig met wie ben ik dan?! Daardoor ben ik ook wel steeds meer gaan begrijpen wie ik ben. Los van al dat werk. Ook van hoe het leven in elkaar steekt en hoe...

    4 Dichtbij
  2. Jul 29

    3 De was

    Hoe een eenvoudige huishoudelijke klus ineens niet zo makkelijk gaat met evenwichtsverlies. (afb Pixabay Manfred Richter) Volledig transcript  Welkom bij de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. Dit is seizoen 12, aflevering 3: De was. Deze aflevering gaat over een klein deel van het huishouden wat wel heel essentieel is, namelijk de was doen. Toen ik in 2006 door de ziekte van Ménière niet meer werkte en dus alle dagen thuis was, omdat ik tussen de aanvallen van draaiduizeligheid heel onstabiel bleef, was het niet eenvoudig om zelf het huishouden volledig te doen. Ik kon niet bukken of op een trapje staan. Ik kon niet eens een emmer met water tillen of iets anders zwaars tillen en ermee lopen. Dat ging allemaal niet! Pas toen de aanvallen wat minder werden en ook de instabiliteit verminderde, toen ging ik weer dingen oppakken in het huishouden.  Behalve het stofzuigen, dat deed ik liever niet. Want het was veel en veel te veel lawaai! Het geluid van die stofzuiger dat deed gewoon pijn in mijn oren. Net als ook het geluid van de waterkoker pijnlijk was en als ik de wc doortrok. Want in die begintijd van de Ménière, zal ik ook iets van hyperacusis hebben gehad. Echt overgevoeligheid voor geluid! En in dit geval dan niet speciaal kleine geluidjes, maar juist de luide geluiden.  Maar ik deed dus in die begintijd niet zelf het huishouden, het lukte dus niet. En gelukkig konden de andere leden in het gezin dat wel oppakken voor zover ze dat dan ook konden. Kreeg ik geregeld dat ze even bij me kwamen van 'hoe moet ik dat doen of hoe moet ik dat doen?' Dus ik heb ze daarbij wel kunnen ondersteunen.  En wat op een gegeven moment wel lukte -toen ik dus weer dingen kon oppakken- dat was de was doen. Het was niet de wasmand naar boven tillen, de wasmachine staat bij ons op zolder en de wasmand die staat in de badkamer op de eerste verdieping, dus die moet dan altijd naar boven gebracht worden. En dat deed ik dan nog niet. Niet omdat ik niet genoeg kracht had, maar meer omdat als je iets groots in je handen hebt en je moet een trap oplopen, dat is nogal wat. Helemaal als je dan toch nog wat instabiel bent. Dus dat deed ik dan niet, dat deed dan één van de jongens. En zo was het ook andersom. Als ik de was op zolder opgevouwen had, nadat het helemaal gedroogd was, dan bracht één van hen de wasmand weer naar beneden.  Maar ik kon natuurlijk wel de was sorteren en in de wasmachine doen. En dan ging ik op mijn knieën zitten, zodat ik niet kon omvallen. En dan deed ik dus op die manier de was in de machine. Stond de wasmand naast me en dan kon ik het er makkelijk indoen. En als de was klaar was, dan zette ik de wasmand voor de opening en ook dan ging ik op mijn knieën weer zitten en haalde ik dat allemaal één voor één eruit! Want dat bukken dat bleef toch nog wel heel lang moeilijk. En als de was daarna in de droger ging, dan deed ik dat in hele kleine stukjes. Een deel uit de machine deed ik dan in de wasmand. Dan zette ik de wasmand wat op hoogte, er zat dan niet zo veel in, was ook niet zo zwaar. En dan deed ik de spullen in de droger en dat herhaalde ik een paar keer totdat alles in de droger zat.  Maar de droger gebruikten we -en gebruiken we nu nog steeds- niet zo heel veel. De meeste was die hang ik gewoon op. We hebben daar op zolder twee wasrekken. Wat ik toen deed, was de was die ik ging ophangen, die haalde ik dan één voor één uit de wasmand en dan hield ik me altijd met één hand vast, aan de kast of aan het wasrek. En ging ik de was ophangen met knijpers. Ik merkte dat ik dat zó fijn vond om te doen. Helemaal omdat ik na maanden helemaal dat niet heb kunnen doen, was het heel fijn dat ik ineens dat soort dingen wél kon oppakken. En vanaf die tijd koester ik dat ik zélf de was kan ophangen. Aan de waslijn. Nou hebben we wel een waslijn ..ehm.. een droogrek eigenlijk, het is geen lijn, een droogrek op heuphoogte. Het zijn er twee. Dus ik hoefde niet heel hoog te reiken. Vroeger hadden we wel een waslijn in huis, toen we net gingen samenwonen. En dan moest je daar heel erg voor reiken. Maar dat hoeft dan nu niet. En waarschijnlijk had ik toen niet eens dat kunnen doen, dat omhoog en dan met die knijpers ophangen. Niet omdat ik niet kon reiken, maar omdat je dan toch wat instabieler wordt.  Maar ik vind het dus heerlijk om de was te kunnen doen. Zo ook als je was eenmaal gedroogd is dan één voor één die kledingstukken eraf halen en dan opvouwen. Dat doe ik eigenlijk op het droogrek en dat doe ik dan in de wasmand. En op een gegeven moment lukte het toen om zelf de wasmand te tillen en via de trap naar de zolder te brengen en andersom, naar beneden toe brengen. Dan houd ik de wasmand met twee handen vast en dat is een hele uitdaging, want ik kan me dan niet vasthouden aan de leuning. Maar dan loop ik met mijn zij, met mijn heup tegen de leuning aan, zodat ik wel steun heb en ik loop altijd dan met aandacht. Ik ben dan ook alleen bezig met lopen op de trap met de wasmand in mijn handen. Of het nou naar boven is of naar beneden. Nou is het wel zo dat de droge was zit in een bredere wasmand en dan kan ik die wasmand nog wel eens op mijn heup neerzetten en dan hou ik 'm met één hand vast, zodat ik met mijn andere hand wel de leuning kan vasthouden. En dat is meestal als ik naar beneden loop. Naar beneden lopen is altijd lastiger op een trap, omdat je die diepte in gaat en dan is het toch prettiger om de leuning te kunnen vasthouden. We hebben dan wel een hele rechte trap in huis, naar de zolder. Daar zit geen draaiing in. En volgens mij vind ik naar beneden lopen bij een ronde trap, die zo halfrond is, vind ik makkelijker. Omdat je niet direct de diepte inkijkt. Maar zo'n rechte trap, dan kijk je echt best een heel eind zo de diepte in. Dat vind ik lastiger lopen dan wanneer er een bocht inzit. Maar oké, dat lukt nu dus wel.  Heel langzaamaan is dat toen gebeurd, dat ik eenmaal de was weer ging doen. Op een gegeven moment ging ik toch zelf de wasmand dragen en merkte ik dat het wél lukte. En dat ben ik daarna altijd gewoon blijven doen. En zo is een huishoudelijke klus die ik vroeger, voor 2006 zonder nadenken altijd deed, ineens een taak geworden die ik heel graag doe! Nadat ik natuurlijk wel eerst had geleerd om het zelf weer te kunnen, vanuit een instabiele situatie. Dus ja, elke keer nu de was ophangen, waar ik dat ook doe, dat doe ik met aandacht. En dat vind ik helemaal niet erg.  Ik merk dat ik wel gevoeliger ben geworden voor geuren. Dat is gebeurd nadat ik corona heb gekregen. Toen heb ik een jaar lang niets kunnen ruiken en proeven. En heel langzaamaan is die geur weer teruggekomen, die reuk moet ik zeggen. De reuk is teruggekomen. Tegelijkertijd ben ik ook gevoeliger geworden voor allerlei geuren. Dus bepaalde wasmiddelen vind ik helemaal niet fijn! Dus ik moet écht goed zoeken naar wat vind ik dan wel fijn? En gelukkig op dit moment heb ik dan zo'n wasmiddel. Ik gebruik nooit wasverzachter. Dus wat blijft hangen in de was is gewoon van het wasmiddel zelf. En in de loop der jaren was ik wel veel minder, omdat de jongens uit huis zijn. Dus we zijn met zijn tweeën in huis, dan hoef ik ook minder vaak de trap naar zolder op- en af te lopen met een volle wasmand.  En op vakantie, dan is de was doen altijd een klus waar ik ook de tijd voor neem. Ik bedoel dan een lange vakantie. Want tijdens een weekje vakantie doe ik niet de was. Dan neem ik dat gewoon mee naar huis en dan doe ik dat allemaal thuis. Maar op de camping waar we weken staan, dan is er vaak maar één wasmachine en een droger. We staan vaak op kleine campings, dus dan is eentje ook genoeg. En de handdoeken en lakens gaan na de was dan in de droger. Maar alle kleding die hang ik dan op. Dus dan moet het sowieso een droge dag zijn op het moment dat ik de was doe. Moet ik altijd rekening mee houden op de camping. Anders kan het droogrek niet buiten in de zon en in de wind gezet worden. Dus het is wel even plannen, van doen we het vandaag of nou, misschien beter morgen? En dan heb je ook te maken met dat de wasmachine, dat het best lang duurt. En de droger daarna nog een keer. Het kost zo een halve dag. Dus als we de hele dag weg willen, kan ik niet de was doen. Helemaal niet omdat ook andere mensen natuurlijk ook willen wassen. Dus je moet het ook niet lang in de machine laten zitten. Je moet zo snel mogelijk het er weer uit halen, zodat andere mensen ook kunnen wassen. En meestal kiezen we dan ook een dag dat we sowieso op de camping willen blijven. Dat is ook belangrijk, want als eenmaal de was buiten staat en het gaat per ongeluk toch regenen, dan kun je ook weer op tijd het droogrek binnen zetten. Anders kan je weer van voren of aan beginnen als alles natuurlijk drijfnat wordt.  En zo zijn er ook andere campinggasten die het liefst 's ochtends al met de was willen beginnen. Ook om het dan op te kunnen hangen. En dan probeer ik altijd -op zo'n dag- heel vroeg op te staan, zo'n 7 uur. Op vakantie is dat vroeg. Dan slapen de meeste vakantiegangers nog. Dan doe ik de was al dus in de machine voordat we gaan ontbijten. En dan is het altijd wel heel gek hoor, om heel vroeg op zo'n hele stille camping te lopen met een volle mand vol was. En toch vind ik het heel fijn dat je het gewoon op de camping zelf kan doen. Want dan hoef je ook minder handdoeken en kleding mee te nemen, omdat je tussendoor gewoon kan wassen. Dat is in Nederland nog wel eens lastig, want in Nederland heb je allerlei verschillende soorten weer. Het kan heel warm zijn. Of ..ehm.. best wel koud. En regenachtig. Dus je moet wel kleding meenemen die voor alle weersomstandigheden mogelijk zijn. En het kan nog wel eens zijn dat ik een heleboel kleding heb meegenomen en de helft dus niet gedragen is, ja omdat we gewoon bepaald weer hebben gehad. En dan is de andere kleding niet nodig. En dat is wel het voor...

    3 De was
  3. Jul 22

    2 De zee in mijn hoofd

    De zee in mijn hoofd is een metafoor die ik al 20 jaar met mee meedraag.  (eigen foto op het strand bij de Noordzee, bij Domburg) Volledig transcript: Dit is de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. Dit is seizoen 12, aflevering 2: De zee in mijn hoofd. 'De zee in mijn hoofd' dat is de metafoor die ik nu al zo'n 20 jaar met me meedraag. Ja, 'meedragen' dat is wel een gek woord in deze context. Maar welk woord is dan passender? Deze metafoor die past al zo lang bij me en past bij verschillende dingen. 'Dingen' ook al zo'n gek woord dat niet passend is. Want tinnitus en Ménière dat zijn helemaal geen 'dingen'! Dus raar dat ik 'dingen' zeg! Dan zal je misschien wel hebben van: hé, die heb ik wel eens eerder gehoord: 'De zee in mijn hoofd.' En dat klopt, want in seizoen 4 -heel veel seizoenen geleden- aflevering 19 heb ik ook al verteld over deze metafoor. En toch wil ik 'm nog een keer naar voren halen, want misschien heb je die helemaal niet gehoord. En ik merk ook dat ik bepaalde dingen ga herhalen. Juist omdat alles wat met het evenwicht te maken heeft toch wel vaker voorkomt dan één keer. In ieder geval deze aflevering 'De zee in mijn hoofd'.  En het kan eigenlijk helemaal niet, de zee, niet letterlijk tenminste. Want die zee die is ..ehm.. vol water en zout en, en, en, en is ook heel veel! Dat kan natuurlijk nooit in mijn hoofd zitten! Maar dan zit er in mijn hoofd natuurlijk wel water. Soort hersenvloeistof en we bestaan uit voor zoveel procent uit water. En dat water in dat hoofd, in die vloeistof, dat is misschien ook wel wat zoutig. Dat zou ik wel kunnen uitzoeken, want volgens mij is dat wel bekend, waar het precies uit bestaat. Het is dus een metafoor. Het is dus niet letterlijk bedoeld. Die zee is voor mij ook het altijd aanwezige geluid van de tinnitus. Dat wissende van volume. En ook wisselend van geluid, van het soort geluid. En nu helemaal met hoortoestellen, want zonder hoortoestellen hoor ik echt heel veel minder! Ik hoor bijvoorbeeld de vogels nauwelijks. We zijn nu op vakantie. En Roel die zegt dan, zei vanmorgen tegen mij van, 'de beide hanen die kukelen' en ik hoor ze echt niet. Roel zegt dat de buurman de voortent aan het stofzuigen is. En ik zie het, maar ik hoor het geluid helemaal niet. En dan zegt hij van: 'je moet wat zachter praten, want anders hoort iedereen dat op de camping wat je zegt', maar ik hoor mezelf amper. Ik hoor écht niet wat te hard is. Ook m'n eigen stem is dus veel minder hoorbaar geworden. Daarentegen is het volume van de tinnitus, die is juist heel luid! Die is alom aanwezig. En dan prijs ik mezelf steeds weer gelukkig dat ik me er niet meer aan stoor. Het is een gegeven. Én ik weet dat ik er wel iets aan kan doen, namelijk mijn hoortoestellen in doen.  Wauw! Met hoortoestellen in dan hoor ik de vogels kwetteren! Ik hoor het vliegtuig over komen. Er zijn allerlei camping-geluiden. Ik hoor het briesende paard hier achter de heg. Weer een vliegtuig. Pratende mensen, verderop. Ik versta het dan niet, maar ik hoor wel dat het mensen zijn die met elkaar in gesprek zijn. Ik hoor het kraken van de stoel. Als ik aan het schrijven ben, hoor ik het krassen van de pen. Hé, en ik hoor ineens fietsen hier op het grind achter ons. Er zijn zo veel geluiden om me heen op deze stille camping. Het omslaan van de bladzijde van het boek dat Roel aan het lezen is. Ja, met hoortoestellen in, is de tinnitus veel milder, heel fijn!  Maar tinnitus is dus dan de zee in mijn hoofd. En zo waren dat ook de aanvallen van draaiduizeligheid. Die chaos in mijn hoofd, die voelde alsof er een woeste zee woedde door mijn hersenen. Maar nu zijn die heftige aanvallen er allang niet meer, dat is lang geleden dat ik de laatste heftige aanval heb gehad. Maar die draaiduizeligheid die is er nog wel af en toe, bij vlagen, maar dan niet meer zo onstuimig, het is er maar een klein beetje. Meer wat kabbelend. Wel altijd ruisend. En dat zijn dan wiebeldagen, want zo heb ik ze genoemd, die dagen dat ik niet helemaal stevig meer loop. Waarbij ik wat instabieler ben. En dat is wel grillig, want ik weet niet van tevoren dat ik een wiebeldag ga krijgen. En Ménière is dus dan ook nog steeds de zee in mijn hoofd.  Maar past daar dan ook het gehoorverlies bij? Heb ik eigenlijk nog nooit zo gezien. En nu ik dus dit zo zeg, die vraag aan mezelf stel, dat gehoorverlies is ook fluctuerend. Dat komt door de Ménière. Het is dus niet standvastig. Het is niet altijd hetzelfde verlies. En het gehoor wordt sowieso steeds minder. Het verlies wordt steeds meer. Ook door het genetisch defect hè, door die DFNA13. En het verschil tussen wel en niet de hoortoestellen in doen, dat verschil wordt steeds groter. Is dat dan ook de zee in mijn hoofd? Wat heel duidelijk figuurlijk bedoeld wordt van deze metafoor is, voor iets wat ‘veel’ is. Een zee van woorden. Een zee van gedachten. En dat gebeurt ook allemaal in mijn hoofd natuurlijk. Ik ben altijd vól van iets in mijn hoofd. Iets ..ehm.. woorden, ..ehm.. beelden ..ehm.. ideeën en plannen, voorstellingen maken in mijn hoofd. Steeds weer! Ook als ik een boek lees en dan hoef ik de woorden niet te bedenken. Dan zijn er wel continu beelden die ik in mijn hoofd maak. Ik zie dan voor me wat ik lees. En ik moet zeggen dat is niet fijn als het gaat om gruwelijke martelingen. Die wil ik helemaal niet zien! Maar als ik erover lees dan komen die beelden vanzelf. Dan kan ik er soms ook over dromen en dan word ik wakker met schrik en benauwd en zwetend. Die beelden die hoef ik niet! Maar ja, dat heb je af en toe, als je zo'n boek leest, weet je niet van tevoren dat het over dat soort martelingen gaat. Gelukkig geldt dat ook andersom. Alle mooie beelden, die ik tijdens het lezen voor me zie en ook die beelden van alles wat ik heb meegemaakt. Gewoon overdag tijdens het fietsen, het wandelen, de weggetjes die me dan heel lang bijblijven. Het landschap. De bomen. Het strand en de zee. En al die leuke dorpjes hier op Walcheren. Allemaal beelden die in mijn hoofd zitten en die dan ook in mijn hoofd blijven zitten. Een zee van beelden in mijn hoofd. Zo waren we bij een restaurant, we gingen even één keer een beetje chic uit eten. En in dat restaurant daar hing een foto in de hal. En dat was een moderne foto van een Zeeuws meisje, of in ieder geval van een meisje met Zeeuwse klederdracht aan, maar dan op een moderne manier gemaakt. En dat beeld dat blijft dan bij me! Na het eten fietsten we naar huis, naar de tent toe, naar de caravan. Dat is op dat moment ons huis. En ik heb dat beeld dus gezien en het raakte me. En dan onthoud ik dat! En ik heb ook daar nog gevraagd in het restaurant waar de foto vandaan komt en wie de fotograaf is. Dus dat heb ik, toen ik thuiskwam, weer opgezocht. En het blijkt dat dat te koop is. Die foto die wordt ook gemaakt op het moment dat je dat bestelt. En ik kan die verleiding nauwelijks weerstaan om het níet te kopen, want ik weet er zelfs al een plek voor in huis, waar ik er dan elke dag naar kan kijken en dat idee maakt me al zo blij. Het beeld zit al in mijn hoofd, naast al die andere beelden. Want er is nog plaats genoeg!  En zo zijn er genoeg dingen die ik vergeet. Namen van mensen bijvoorbeeld. En dat is helemaal niet erg. Want er is wel een grens aan die zee in m'n hoofd. Het geheugen is een zee aan herinneringen, maar ik onthoud niet meer alles. Er zijn herinneringen die vervagen of die veranderen en die verdwijnen. Ja en ook dat is niet erg. Want de zee is niet oneindig. Ook al lijkt dat wel als je op het strand staat en de Noordzee voor je ziet. En je héél ver weg kunt kijken als het heel helder is. Dan lijkt ie zó ver te reiken. En dan voel ik me heel klein en nietig. Op zo'n grote zee zou ik een stipje zijn. Nauwelijks waarneembaar voor iemand die erop let. En helemaal niet waarneembaar voor de mens die niet kijkt. Dan ben ik helemaal niets!  Hmmm... er loopt een spinnetje hier voorbij. Een klein spinnetje. Die omgeving van deze spin die is oneindig groot, alleen is de spin zich daar niet van bewust. En dat is een groot verschil met mij als mens. Die zich wél bewust is van de omgeving, van de grootsheid, van de waanzin! Van de schoonheid en het verval en... De opmerkelijkheid, de mogelijkheden en onmogelijkheden. Van de grenzen. En ook de ongelofelijke kracht van de elementen. En zo de woorden die ik erover kan schrijven en ook nu hardop kan zeggen. De zee doet me ook denken aan nou ja, aan Zeeland, dat is ons vakantieland. Maar ook aan de zeearend. Zeekraal. Zeeraket. De zee-eend. De Noordzee. Maar ook Zeewolde, waar we nu al heel lang wonen. Vanaf 1992 wonen we al in Zeewolde.  Dus ook dat woord 'zee' kom ik heel vaak tegen in mijn dagelijks leven. En die zee in m’n hoofd, dat is dus een hele krachtige metafoor. Die voor mij een zee aan mogelijkheden biedt. Voor de mens die het wil zien hè! Voor wie het wil beleven, die het wil herinneren, opschrijven en erover wil vertellen. En als ik nog eens een vierde boek ga schrijven, dan zou die titel zijn: 'De zee in mijn hoofd'. Dit was seizoen 12, aflevering 2, van de podcast 'Evenwicht, je leven'. Je hebt geluisterd naar Paula Hijne. En dank je wel voor het luisteren en tot de volgende keer!

    2 De zee in mijn hoofd
  4. Jul 15

    1 Vrijheid

    Wat vind ik vrijheid? In ieder geval niet dat ik altijd op vakantie kan.  (eigen foto, van een vakantie lang geleden) Volledig transcript  Dit is de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. Ik ben auteur van het boek 'Evenwicht, in uitvoering'. En dat is ook de aanleiding van het maken van deze podcast. Want er valt nog zó veel meer te vertellen over ons fysieke evenwicht. Over ons zintuig evenwicht. Maar gaandeweg met het maken van die podcast-afleveringen, kwam ik erachter dat er nog zo veel meer valt te vertellen, over het evenwicht. En dan gaat het ook wel over het psychisch evenwicht en over al die dingen waar ik mee te maken heb die ervoor zorgen dat mijn leven, ja, prettig verloopt. Waar ik juist van uit evenwicht raak. En dat ik ook die dingen graag wil vertellen in deze podcast.  En dat doe ik dan ook. Ik heb al 220 afleveringen gemaakt. Want ik heb mezelf als doel gesteld om elke week een aflevering te maken. En daar heb ik zelf de keuze in. En omdat ik zelf die keuze kan maken, heet deze eerste aflevering van seizoen 12: Vrijheid. Ja en dat is niet vanzelfsprekend. We hebben tijdens het schrijfcafé in mei 2026 als thema ook gehad: vrijheid. Elk schrijfcafé is er een thema, vaak naar aanleiding van een boek en dat thema van dat boek wordt dan gebruikt. En in dit geval ging het over het boek: Het bittere kruid van Margo Minco. Dat is al een boek van heel lang geleden. En Marga Minco is een schrijfster die in 2023 is overleden. Maar die is 103 jaar oud geworden! En in dat boek gaat het ook over oorlog en over nou ja, dan ook de vrijheid. En het thema van het schrijfcafé daar kun je allerlei oefeningen rondom heen doen.   We begonnen met een opdracht met allemaal wolkjes en in die wolkjes stonden korte opmerkingen over wat vrijheid zou zijn. Bedoeling was om daar een keuze uit te maken en daar dan verder over te gaan schrijven. En ik zal een paar van die wolkjes, een paar van die teksten even delen met je. Eerste wolkje is: vrijheid is het recht op geheimen, zonder geheimen is er geen bewegingsruimte meer. Vrijheid is zelf bepalen hoe je je leven inricht. Vrijheid is het tegenovergestelde van oorlog. Vrijheid is een andere mening mogen hebben. Je bent vrij als je je eigen waarde, dromen en talenten als kompas gebruikt. Vrijheid is op vakantie kunnen. Vrijheid is een illusie. Vrijheid, je zelf zijn zonder toestemming van een ander. Maak daar maar eens een keuze uit. Ik denk dat je zelfs vanuit elke tekst, van elke regel tekst die ik net noemde, daar kun je weer ook een heel stuk over schrijven. Ook dat vrijheid is een illusie, zou je een heel verhaal over kunnen schrijven. Maar ik heb gekozen voor dat laatste wat ik zei: vrijheid, je zelf zijn zonder toestemming van een ander. En wat ik schreef: mezelf zijn. Zoals ik dat wil. Wat ik wil doen. Dat wil niet zeggen dat ik niet overleg. En vooral niet als ik iets wil doen dat consequenties heeft voor de ander. Want ook het overleggen past bij het mezelf zijn, want dat kan tegelijkertijd. Het betekent namelijk niet dat ik gewoon mijn gang ga. Ik houd rekening met de grenzen die er zijn. Dat is financieel. De gedeelde tijd. Het gebruik van spullen. De afspraken die de ander heeft. En dan geef ik steeds weer mezelf toestemming en dan deel ik ook met liefde. Ik geef mezelf ook toestemming. Ook als ik nee tegen mezelf zeg. Als ik mijn grenzen bewaak.  Maar wanneer ben ik dan volledig mezelf? Want er zijn genoeg dingen die ik niet uitspreek. Waar ik niet mijn mening over deel. Dat doe ik ook niet hier in de podcast. Ik deel niet alles, wat ik vind, wat ik opmerk. En toch hoort ook dat allemaal bij mezelf zijn. Om het dus niet te delen. Want ik vind het een groot goed dat ik de keuzes zelf mag maken. Op allerlei vlakken en op allerlei niveaus.  En ook is het fijn als je toestemming van de ander krijgt. Om ja, dat leuke idee uit te werken. ..ehm.. om die vakantie te plannen. Om de boel te kunnen veranderen. Om in mijn eentje ergens naartoe te gaan. Maar dan steeds weer van mezelf uit. Ik kies ervoor om toestemming te vragen, om te overleggen, want ik leef niet in mijn eentje. En al die afspraken en dat overleggen dat doe ik dan ook met mijn man, die ook hier in dit huis woont. Want afspraken maken blijft nodig om samen te leven. Want ook hiervoor geldt, ik heb de afspraken in mijn eigen hand. Ik vul mijn eigen agenda. En dan is het prachtig als de ander af en toe op mijn pad meeloopt, want andersom gaat het ook op. De ander mag zichzelf zijn zonder toestemming van mij! Vrijheid is dus niet alleen maar doen waar 'ik' zin in heb. Ik vind vrijheid, dat is in liefde samenleven.  Dat mocht ik delen en op het moment dat je dat voorleest, die tekst, aan een groep mensen die ook allemaal hun eigen vrijheid hebben beschreven, dan kom je er ook achter dat een heleboel dingen overeenkomen. Maar dat je dat ook op verschillende manieren kan zien, die vrijheid. Dat vind ik mooi! Ik vind het mooi dat iedereen daar op zijn eigen manier ook weer mee om mag gaan. Dat gebeurt dus vaak bij het schrijfcafé, dat je dingen heel erg herkent van de ander, maar niet nodig vindt om daar zelf over te schrijven. Dus iedereen maakt zijn eigen keuze daarin. Het is zelfs zo, als de opdracht een bepaalde bedoeling heeft, en jouw pen, als je aan het schrijven bent, gaat totaal iets anders doen, dan kan dat gewoon. Want ook dat doen we, het creatieve schrijven is eigenlijk ook een vorm van vrijheid. In vrijheid schrijven. Hoe mooi is dat? Je schrijft datgene wat jij wilt delen. Een andere opdracht die we kregen, was een mindmap maken. En ik heb het er wel eens eerder over gehad. Ik maak vaak mindmaps. Ook altijd aan het begin van als ik een boek ga schrijven. En in dit geval was de mindmap rondom dat woord: vrijheid. En dan moest je dan vier woorden rondom heen zetten. En elk woord of elk zinnetje kon je ook weer onderverdelen. En die wil ik ook even met je delen: Vrijheid dat is ..ehm.. zelf grenzen bepalen, of grenzen stellen. En van daaruit bedacht ik al dan, als ik zelf grenzen bepaal dan ben ik ook aan het luisteren naar de intuïtie, ga ik iets wel of niet doen? En aan de andere kant is het energiemanagement heel belangrijk: hoe verdeel ik mijn energie over de hele dag? Vrijheid vind ik ook: vrije wil. Dat is de onafhankelijkheid of juist je afhankelijkheid. En de ene kant daarvan is dan zelfbeschikking. Zelfzorg. Goed voor mezelf zorgen. En dan de andere kant die zelfstandigheid, die eigen agenda bepalen. Heb ik het net ook wel over gehad in mijn vorige stukje.  Vrijheid is ook de keuzes maken. Keuzes maken en van daaruit kun je verschillende mogelijkheden bekijken. Er zijn allerlei verschillende mogelijkheden mogelijk. Aan de andere kant moet je ook knopen doorhakken. Moet je kunnen beslissen. Als je een keuze maakt, beslis je ook iets.  En dan als vrijheid het woord: zelfbewustzijn. Zelfbewustzijn is aan de ene kant voor mij door ervaringen leren. En vooral blijven leren. En de andere kant weten wat wel of niet goed voor mij zelf is!  Uit al die woorden mocht je ook weer één stukje gebruiken, één woord gebruiken. En daar weer over gaan schrijven. En ik koos voor zelfbewustzijn. Zelfbewustzijn. Ik ben me bewust van alles wat ik doe en niet doe. Hoewel, alles? Niet alles! Want er zijn genoeg dingen die ik onbewust doe, maar omdat ik dat niet bewust weet, kan ik dat ook niet benoemen. Bewustzijn. Ze zeggen dat mensen met ernstig gehoorverlies een grote kans hebben om dementie te krijgen. En toen ik dat voor de eerste keer hoorde, schrok ik daarvan. Ik begreep dat niet goed. Dus omdat ik minder goed hoor, zou het niet goed kunnen gaan in mijn brein. En dan gaat het over die witte stof, die myeline in de hersenen, die wordt dan steeds minder. En dat vertelde Erik Scherder hè. Ik heb het in de vorige podcast gehad over dat we die ontmoet hebben. En die vertelde over die witte stof, als die dan minder wordt ga je ook minder goed functioneren. Maar gelukkig heb ik mijn moeder als voorbeeld. Die was bijna doof. En toch kon zij zich nog genoeg herinneren en ook afspraken die gemaakt waren. Ook zelfs de dingen die de dag ervoor waren gebeurd, en dan af en toe was het wel een beetje twijfelachtig. Maar als je er dan goed naar vroeg, dan wist ze het weer. En zij deed overdag bijna niets! Zij kwam nauwelijks de deur uit. En ze had eigenlijk ook helemaal geen hobby’s meer, dan alleen maar wat lezen en op de tablet kijken. En bij haar was er dus geen sprake van dementie en toch was ze dus bijna doof.  En aan de andere kant begrijp ik dat wel, want er is onderzoek naar gedaan, dus het zal ook zeker zo zijn. Als je in plaats van luisteren, luisteren naar andere mensen, en dat je als je dan geen andere manieren meer hebt om je brein te gebruiken, en als je ook veel minder mensen tegenkomt waarmee je gesprekken aangaat, dan kan ik me voorstellen dat je wereld heel klein wordt. Want het is belangrijk om te blijven bewegen. Te blijven leren zoals Scherder zei, maar hij noemde het dan anders. Het gaat niet alleen maar om bewegen, het gaat ook niet alleen maar om leren, het gaat om ‘moeite doen’. En dat is nu ons motto ook, hier thuis. Moeite doen, dat is helemaal niet erg.  Door zo in beweging te blijven op allerlei manieren, ben ik mezelf bewust, ik ben aanwezig en voel ik mij ook wel verantwoordelijk voor de dingen die ik zelf doe. Voor de keuzes die ik maak. Dus ja, wat moet ik me aantrekken van het feit dat als je minder gaat horen, dat de kans op dementie groter is? Ik wil me niet laten beïnvloeden door de angst, maar ik denk dat ik uitga van al de dingen die ik nog wel kan blijven doen. Als ik daar maar met veel plezier mee bezig blijf, dan hoop ik ook dat die dementie op afstand blijft. Alleen weten we dat nooit zeker. In ieder geval zolang ik nog erover kan vertellen, zolang ik dingen nog kan uitlegge...

    1 Vrijheid
  5. Jul 8

    20 Wij zijn vreemden

    Wij zijn vreemden totdat wij elkaar ontmoeten. Ik kon het niet laten om over deze uitspraak te schrijven en te vertellen. Bij deze. (afbeelding Pixabay Vincent Grenon) Volledig transcript  Dit is de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. Dit is de laatste aflevering van seizoen 11. En elk seizoen bestaat uit 20 afleveringen over de meest uiteenlopende onderwerpen. Een groot deel daarvan gaat over ons fysieke evenwicht. Maar alle andere onderwerpen zoals ik steeds in de inleiding zeg: evenwicht in de breedste zin van het woord. Dit is seizoen 11, aflevering 20: We zijn vreemden. We zijn vreemden totdat we elkaar ontmoeten. Dat is een uitspraak die ik hoorde in een Netflix-serie, ja wij kijken af en toe naar Netflix, omdat er geen andere leuke programma's op de gewone televisie zijn. En deze uitspraak die hoorden we aan het begin van de serie. ‘We zijn vreemden totdat we elkaar ontmoeten.’ En ik weet niet of deze toebehoort aan een belangrijke historische figuur of filosoof, het zou namelijk zo maar kunnen. Ik vind het namelijk best een bijzondere uitspraak. Eigenlijk wel geweldig! Maar waarom vind ik dat? We zijn vreemden totdat we elkaar ontmoeten.  We ontmoeten zo veel mensen. En toch voelen ze dan als vreemden. Bijvoorbeeld als ik in de bus of trein zit met andere mensen die ik nooit eerder heb gezien. En ook al is er oogcontact of maken we een opmerking naar elkaar, het blijven vreemden. Ik weet niets van ze. Behalve dat wat ik zie. Ik kan het uiterlijk zien. Ik weet of het een man of een vrouw is. Iemand van een bepaalde leeftijd of juist heel jong. Kleding. Wat ze bij zich hebben. Dat ze op de mobiel kijken of rustig naar buiten aan het staren zijn. Er is soms een geur die mij bereikt. En die is prettig of onprettig. En ze zitten in dezelfde bus of trein waar ik in zit.  Ja, als ik dit zo zeg, dan lijkt het alsof ik dan wel heel wat weet van die ander. En soms hoor ik dan ook de naam. Als ze gebeld worden en ze nemen op en ze noemen dan hun naam. En dan hoor ik ook de stem. De stem zegt ook iets over die persoon. En toch zijn het vreemden. Het zijn wel medereizigers op weg naar, nou ja, in ieder geval dezelfde kant op waar ik ook naartoe ga.  En wanneer verandert dan een vreemde in een persoon die niet meer vreemd voor mij is? Is daar een omslagpunt? Is dat wanneer we in gesprek raken en het een en ander uitwisselen? Dat we naar elkaar luisteren of een vraag stellen. Ja als dat eenmalig gebeurd, is die persoon dan nog steeds een vreemde? En het is logisch als ik iemand vaker zie en spreek, dat diegene dan geen vreemde meer is. Zelfs als ik de naam niet weet, voelt diegene niet meer als een vreemde. Bijvoorbeeld ook als je naar een winkel gaat en daar de verkoper spreekt, dan weet ik vaak helemaal geen naam en toch spreek ik die vaker en dan is het dus geen vreemde meer.  Maar dan gaat het ook eigenlijk om het woord 'ontmoeten' in die uitspraak. We zijn vreemden totdat we elkaar ontmoeten. Want wanneer ontmoet je iemand? Zou zelfs alleen een enkele blik -oogcontact- al genoeg zijn om te spreken over een ontmoeting? Want hoe vaak heb ik oogcontact met wildvreemde mensen? Is het dan wel eens dat het helemaal niet meer vreemd voelt? En soms heb ik dan de neiging om iets te zeggen. En helemaal als dat nodig is, dan kan ik ook heel makkelijk iets zeggen tegen die persoon. Of is het oogcontact in gradaties te meten? Heb je vluchtig contact zonder dat je de ander echt ziet! Of elkaar aankijken, zonder dat er verder iets gebeurt? Of een blik van kort contact, een soort ..ehm.. blik van verstandhouding? Er is ook oogcontact waarbij je elkaar écht even ziet. Dan kan het zijn dat.. dat je echt bij iemand naar binnen kijkt. Dat je de ziel van de ander ontmoet. Zoals zo mooi gezegd kan worden.  Ja, ik denk dat er echt gradaties zijn dus in dit soort ontmoetingen. Dat dan zo'n ja, een beetje een diepe, intense blik dat die zelfs veel meer teweeg kan brengen dan wanneer je iets tegen elkaar had gezegd. Want vaak zijn er wel van die kleine gesprekjes over koetjes en kalfjes en ook al duurt zo'n gesprek een tijdje, het kan dan voelen als heel oppervlakkig. En dan is er wel sprake van een ontmoeting en toch voelt dat niet helemaal echt. Je zegt elkaar gedag en je ziet elkaar nooit meer. En dan vergeet je dat gesprek. En ook de persoon zelf blijft dan heel vaag. Dan weet ik eigenlijk helemaal niet meer wat die persoon aan had, wat voor kleur haar, wat diegene bij zich had. Of ie zich wel of niet op z'n gemak voelde. Daar heb ik helemaal geen idee meer van. Dat onthoud ik dan niet. Maar af en toe met zo'n hele intense blik, zonder woorden, dan kan ik dat wel onthouden.  En af en toe is er zo'n ontmoeting die heel lang blijft hangen. En dat doet me denken aan de ontmoeting met een jonge vrouw. Het bleek dat ze studente was. En die reisde van Groningen naar Nijmegen. Het was een vrouw met een hele grote bos krullen. En zij kwam naast me zitten in de trein, want we waren in de trein. En ze zei even gedag. En toen pakte ze een boek en dat boek was: De zeven eigenschappen van Stephen Covey. En daar heb ik een vraag over gesteld. Zij vertelde hoe ze aan het boek was gekomen en ze liet het briefje zien wat ze erbij had gekregen. En daar stond haar naam op. Paula, was haar naam. En wat geweldig dat ze dit boek nu al op jonge leeftijd las! Want ik was veel ouder toen ik dat boek in handen kreeg en dat boek heeft mijn kijk op de wereld veranderd. En ik wenste haar dat ook toe. Zo ontstond er een heel bijzonder gesprek, totdat we bij het station waren waar zij eruit moest. En we hebben elkaar in dankbaarheid gedag gezegd. En volgens mij zwaaide ze nog toen ze buiten langs de trein liep en ik wenste haar in gedachte alle goeds.  Dit was járen geleden. Misschien wel meer dan 15 jaar geleden, denk ik. En toch weet ik dit nog precies. En zou zij zich dat nog herinneren? Voor mij maakt het niet zo heel veel uit. Want zo'n bijzondere ontmoeting met een vreemde die in korte tijd even heel dichtbij was, is op dat moment geen vreemde meer.  En is dat wat er meer zou moeten gebeuren?! Mensen écht ontmoeten. Elkaar zien en horen. Dus kijken en luisteren. En dan het liefst zonder oordeel of verwachting. Met wederzijds respect. Als gelijkwaardig mens. Gelijkwaardig, ja daar zeg ik dus iets; gelijkwaardig. Dat zou de basis moeten zijn en daar gaat het heel vaak mis. Als je niet op gelijkwaardig niveau de ander kunt zien, is er een disconnectie. Dan gaat het over meer- en minderwaardigheid. En dan is die ontmoeting scheef. Zoals helaas bij alle machthebbers zo is en ook bij vele leiders. Ik zou wel eens die leider willen ontmoeten die op gelijkwaardigheid met andere mensen omgaat. En zolang we dat niet kunnen, en uitgaan van meer- en minderwaardigheid, zullen we volgens mij, vreemden blijven.  Maar dan lees ik over alle problemen die er zijn op dit moment, ook rondom de asielzoekers. En als je vindt dat deze mensen geen recht hebben om te leven in dit land, wat zegt dat dan over jezelf?! Dan gedraag jij je als meerderwaardig ten opzichte van de vreemde mensen. Die zie je als minderwaardig. Maar eigenlijk voel je je zelf minder waard. Want je gaat uit van tekorten. En van schaarste. En dat leidt tot angst, angst voor de toekomst. En dat is dan je reactie door dan boos te worden, omdat je daar bang voor bent. Zonder dat je beseft dat deze vreemde mensen juist gevlucht zijn uit een omgeving waar zij bang zijn voor hun toekomst! En wat heel terecht is, want ze leven dan in een land van oorlog. En met niets zijn ze in een vreemd land aangekomen, en dan worden ze gehaat door de mensen omdat ze niets meer hebben, omdat ze gevlucht zijn! En voor deze mensen is de angst voor de toekomst juist heel terecht. En ook de onzekerheid wat het ze met zich meebrengt. Ze komen in een vreemd land en alles is onzeker. Maar waar wij in een democratie leven, is onze toekomst toch iets zekerder. Het is toch wat meer geregeld hier allemaal, zolang hier dan geen oorlog is.  En daar schrik ik af en toe van, dat bekende mensen, hoe zij dan kijken naar die vreemden. En ook de uitspraken die zij doen met zo'n negatief beeld en ook denigrerende opmerkingen. Dat had ik dan niet achter ze gezocht en daar schrik ik dus echt van! En als er wel een oorlog komt, kan het zijn dat die bekenden, die nu naast je staan, dat ze ineens vreemden worden. Maar ik denk zolang we elkaar écht blijven ontmoeten, in gelijkwaardigheid, dan ontdekken we dat we allemaal mensen zijn. We zijn vreemden totdat we elkaar ontmoeten. Dit was seizoen 11, aflevering 20: 'We zijn vreemden' van de podcast 'Evenwicht, je leven'. Je hebt geluisterd naar Paula Hijne. En dank je wel voor het luisteren. En tot de volgende keer!

    20 Wij zijn vreemden
  6. Jul 1

    19 Het geluid gaat nooit weg

    Dit is een interview dat is gepubliceerd op de site van Kwiekleven in een nieuwsbrief naar de klanten. Ze zochten een expert rondom tinnitus. Google gaf toen mijn boek 'hoor jij wat ik hoor? aan. Artikel is gemaakt door Kawtar. (afbeelding komt uit het boek hoor jij wat ik hoor. Gemaakt door Daniela Postma) Volledig transcript  Welkom bij de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. En ook het thema 'horen' is voor mij ook horen in de breedste zin van het woord. En dit is weer een aflevering die te maken heeft met dat horen. Dit is seizoen 11, aflevering 19: Het geluid gaat nooit weg. Een tijd geleden heb ik een mail ontvangen. En daarin stond de vraag of ik mee wilde doen aan een interview. Ze hebben gezocht naar een expert rondom tinnitus. En degene die daarnaar op zoek was, die heeft dat opgezocht en Google gaf toen mijn boek aan! Het boek 'Hoor jij wat ik hoor?'. En de vraag was: heb jij interesse in een geschreven interview rondom tinnitus? Dit interview komt dan in een nieuwsbrief en die wordt naar zo'n 15 duizend mensen gestuurd. In die nieuwsbrief daar komen allerlei uiteenlopende onderwerpen rond gezondheid aan bod en het thema tinnitus past hier perfect bij. Deze vraag kwam van een webshop waar voedings ..ehm.. supplementen, vitamines, mineralen en superfoods worden aangeboden van allerlei verschillende merken. En ik heb aangegeven van: kan ik daar wel aan mee doen? Ik ben geen klant van jullie, dus kan ik dan wel meedoen aan zo'n artikel? Dat was geen probleem. De vragen zou ik schriftelijk krijgen. En die interviewer heeft zich ook behoorlijk goed ingelezen. Die had best mooie vragen opgesteld. En dat interview wil ik hier met jou gaan delen.  De titel van het artikel is geworden: Het geluid gaat nooit weg. Maar je kunt leren ermee te leven. Een gesprek met Paula Hijne. En dan begint het eerst met een soort inleiding en dat is bijna een soort samenvatting van het interview wat daarna komt. En de samenvatting die ze hebben gegeven gaat als volgt: Interview met Paula Hijne. Ze heeft ze zee altijd bij zich. Niet als vakantieherinnering, maar als permanent geluid in haar hoofd. Paula Hijne leeft al haar hele leven met gehoorverlies en kreeg later daar tinnitus en Ménière bij. En toch werd ze coach, podcastmaker en radio-maker. En schreef ze een boek 'Hoor jij wat ik hoor?'. Een eerlijk en hoopvol boek over omgaan met het altijd aanwezige geluid. In dit interview vertelt Paula hoe ze leerde luisteren naar haar tinnitus. Wat dat haar over communicatie en coaching heeft geleerd. En welke stap jij al vandaag kunt zetten. Want wat als het geluid dat je het meest soort ook de sleutel blijkt ze zijn naar meer zelfkennis? Nou, wat je uit dit artikel meeneemt:  Tinnitus gaat zelden weg, maar de manier waarop je ermee omgaat, kan wel veranderen.  Het accepteren dat het geluid blijft is paradoxaal genoeg het begin van meer rust. En Paula Hijne luistert als coach met haar ogen, haar gevoel en haar intuïtie. Een unieke kijk op communicatie. Tinnitus is vaak verbonden met gehoorverlies, vermoeidheid en concentratieproblemen, die zelden goed worden uitgelegd. Simpel maar krachtig naar buiten gaan en bewust luisteren naar de natuur helpt bij het vinden van rust. Het zintuig 'evenwicht' verdient veel meer aandacht, al vanaf de basisschool, aldus Paula.  Ja en dan begint het interview, steeds met een soort korte inleiding van wat de interviewer zelf aangeef en dan komt ook de vraag. En in dit geval is van ..ehm.. de inleiding:  Paula schreef haar derde boek vanuit een heel persoonlijk vertrekpunt. Ze wou het boek maken dat er voor haar zelf niet was. Hoe dat besluit ontstond vertelt ze hier.  De vraag ik die daarover gekregen heb is: Je derde boek 'Hoor jij wat ik hoor?', gaat over tinnitus, waarom was dit voor jou het juiste moment om juist over dit onderwerp te schrijven? En ik heb als antwoord gegeven:  In 2020 vlak na de uitgave van 'Evenwicht, in uitvoering', kreeg ik meerdere keren de vraag: wanneer komt je volgende boek uit? Ja! Ga ik dan nog een boek schrijven? En het begon wel te kriebelen. Is het nu tijd voor het boek over tinnitus? Maar er is al zo veel over geschreven! Wat kan ik dan anders doen? In ieder geval moet het een boek worden met herkenbare ervaringen. En uitleg over wat tinnitus is. Een boek dat vlot leesbaar is. En een boek waarin het proces beschreven staat hoe je om kunt leren gaan met het altijd aanwezige geluid in je hoofd. En dan niet vanuit de zwaarte, maar juist met een positieve insteek. Dat boek dat ik zelf had willen lezen, toen de tinnitus mij enorm frustreerde! Het heeft heel wat voeten in de aarde gehad voordat de vorm duidelijk was. Het was ook spannend! Durf ik mijn ervaringen en opgedane inzichten met de wereld te delen?  En het volgende stukje is de inleiding weer, van de interviewer: Paula ontdekte pas op volwassen leeftijd dat ze haar hele leven al compenseerde voor haar gehoorverlies. En die ontdekking veranderde alles. Ook haar beroepskeuze. En de vraag is dan: Je leeft al vanaf je geboorte met gehoorverlies en kreeg daar later tinnitus en Ménière bij. Hoe heeft die persoonlijke ervaring jou kijk of luisteren veranderd? En mijn antwoord: In de jaren 90 kwam ik erachter dat ik genetisch gehoorverlies heb. Ik besefte dat ik mijn hele leven al spraakafzie, het gezicht- en mondbeeld is belangrijk om te kunnen spraakverstaan. En dat had ik ook hard nodig in het werk in het onderwijs. Door de combinatie met tinnitus en Ménière, kon ik niet meer in het onderwijs werken. En tijdens een re-integratietraject werd duidelijk wat ik nog wél kon: met mensen in gesprek gaan. In een-op-een situaties. Ik ben altijd al nieuwsgierig geweest naar de drijfveer van andere mensen en zo kwam het coachvak op mijn pad. Het oogcontact tijdens een gesprek is mijn kracht. Ik luister met mijn ogen, mijn gevoel en mijn intuïtie en stel dan de vragen die nodig zijn. En de volgende vraag was weer de inleiding van de interviewer: Hoe voelt het om dagelijks te leven met een geluid dat nooit stopt? Paula beschrijft het met een beeld dat meteen raak is! De vraag die ik daarover kreeg: Je omschrijft tinnitus als de zee in mijn hoofd. Wat zegt dat beeld over hoe tinnitus voor jou voelt in het dagelijks leven? En mijn antwoord: de zee is altijd in beweging. Van kalm tot stormachtig. Er is altijd geluid te horen aan zee. En zo ervaar ik ook het geluid van de tinnitus. Dynamisch! Het volume en soort geluid fluctueert voortdurend. Het is nooit stil. En ik heb er een klein gedichtje bij geschreven. Dat komt uit het boek 'Hoor jij wat ik hoor?'. Mijn  blik gericht  op rollende golven, woest geluid in mijn  hoofd Het volgende stukje is weer de inleiding van de interviewer: Voor Paula is het harde geluid van haar tinnitus meer dan overlast. Het is intussen een betrouwbaar lichaamssignaal geworden. En de vraag die ik dus had gekregen: Je schrijft dat tinnitus voor jou soms een signaal kan zijn van spanning, ziekte of een aanval van draaiduizeligheid. Hoe heb je geleerd om dat signaal beter te herkennen? En ik heb geantwoord:  Dat heb ik pas geleerd toen ik de aanvallen van draaiduizeligheid kreeg als gevolg van de Ménière. Vlak voor en tijdens een aanval is de tinnitus zeer luid. Toen ik dat doorkreeg, merkte ik op dat het luider worden een signaalfunctie heeft. Ik kan ernaar luisteren. En een stap terugzetten. Of het negeren, met alle gevolgen van dien. En elke keer kan ik de keuze maken, wat te doen als de tinnitus weer overal bovenuit komt!?  En dan de interviewer weer: In haar coachingspraktijk werkt Paula met mensen die middenin het leven staan en worstelen met de gevolgen van tinnitus. Wat staat er centraal in die begeleiding? En de precieze vraag die ik kreeg: In je werk wil je mensen in beweging brengen, activeren en versterken. Hoe vertaal je dat naar de begeleiding van mensen met tinnitus? Wat ik aan heb gegeven:  De meeste mensen die tinnitus hebben en bij mij komen voor begeleiding, staan volop in het leven en hebben een intensieve baan. In hun omgeving is er weinig begrip voor de last die ze ervaren door de tinnitus. In de coaching gaat het over energie-management, het leren omgaan met emoties en grenzen aangeven. Het gaat ook over de communicatie. Hoe leg ik het uit? Wat heb ik nodig van de ander? Wat kan ik zelf anders aanpakken? Als er sprake is van gehoorverlies, dan gaat het over het inzetten van de juiste hulpmiddelen en luisterstrategieën.  En dan weer interviewer: Het grootste verlangen van iemand met tinnitus is dat het geluid stopt, maar wat als dat nu eenmaal niet gebeurt. Paula legt uit wat er dan wél mogelijk is. Nou, de vraag die ik kreeg: Veel mensen met tinnitus willen vooral dat het geluid stopt, wat verandert er wanneer iemand leert om er op een andere manier mee om te gaan? En ik heb als antwoord gegeven:  Als de persoon met tinnitus eenmaal beseft en zich erbij neerlegt dat het geluid niet weggaat, dan komt er ruimte om te ontdekken wat er anders kan. Dat gaat niet vanzelf! Het is een proces dat aandacht vraagt en tijd! Je gaat op zoek naar informatie om beter te begrijpen wat tinnitus is. En hoe je er anders mee om kunt leren gaan. Er komt een omslag in het denken ten aanzien van dat voortdurende geluid in de hoofd. En dan de interviewer weer: In haar boek combineert Paula haar persoonlijke verhalen met toegankelijke uitleg over hoe het oor werkt. En dat is geen toeval. De vraag die ik daarover kreeg: Je boek combineert persoonlijke ervaringen met uitleg over tinnitus en hoe het oor werkt. Waarom vond je die combinatie belangrijk? En mijn antwoord:  De meeste mensen met tinnitus hebben ook een vorm van gehoorverlies. Maar het is nooit goed uitgelegd hoe dat werkt en wat voor soort gehoorverlies het is. En die kennis is nodig om te begrijpen waar de ve...

    19 Het geluid gaat nooit weg
  7. Jun 24

    18 Deinen

    Deinen op de golven van het leven... fragment van een tekst van Bert Sloots. Heel gek dat ik dan over de zwaartekracht ga hebben en (alweer) over traplopen. Maar uiteindelijk gaat het toch over het deinen op de golven van het leven. (foto van een tijdje geleden bij de zee in Zeeland, gemaakt door Roel Hijne) Volledig transcript  Welkom bij de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. Dit is seizoen 11, aflevering 18: Deinen. 'Deinen op de golven van het leven. Langs de trillingen van de tijd. Elke dag opnieuw ervaren door welke kracht je wordt geleid.' Dit is een fragment van een tekst van Bert Sloots van 'Even Epibreren' en die had de titel: Bewustzijn. Die heb ik opgeschreven vorig jaar, die tekst. En ook nog een andere tekst: 'Pas als je ophoudt het leven te beheersen, begint het je te verrassen.' Dat is een opmerking van Alan Watts. En deze teksten die las ik vorig jaar in de zomer, in augustus, toen we op de camping waren, in Zeeland. En die teksten die passen wel een beetje bij elkaar. En als je ophoudt het leven te beheersen, ja, als ik namelijk niet mijn leven meer beheers, dan kan ik deinen op de golven. En alleen ervaren, in plaats van hard werken om aan alles te voldoen aan wat anderen zouden willen en wat ik mezelf opleg, natuurlijk. In dat fragment van Bert Sloots gaat het over de kracht, door welke kracht je wordt geleid. Door welke kracht word ik geleid? En dan komt direct in mij op: de zwaartekracht. Deze speciale kracht -waarvan ik niet eens precies weet hoe die werkt- die zorgt ervoor dat ik aan of met de aarde verbonden blijf. En waardoor ik kan lopen en fietsen en bewegen. En tegen de zwaartekracht ingaan dan is dat zwaar en dat ervaar ik elke keer weer als ik de trap op ga. Ja, een trap, het maakt eigenlijk niet uit wat voor een trap dat is. Kom ik weer hè, met mijn trap, traplopen, blijf dat zo lang mogelijk doen. Maar de lengte en de steilte van de trap die doet er wel toe. En of er een leuning is. Ook hoe groot de treden zijn. Oh ja, dan maakt het dus wel uit wat voor een trap het is. Is ie van steen? Of van hout? Of van aarde met kleine boomstammetjes? Is ie van staal? En ook waar de trap is, dat maakt ook uit. Binnen, in huis of een gebouw. Of buiten. Dan speelt ook altijd de weerkaatsing van de voetstappen, die spelen mee. Zoals in een gesloten trappenhuis. En dan vind ik mijn eigen stappen horen, vind ik best fijn. Maar andere voetstappen tegelijk horen, die ook die trap af gaan in zo'n gesloten trappenhuis en die dan in een ander ritme lopen, dat kan dan heel hinderlijk zijn. Dan, dan klopt dat niet, dat geluid, met mijn eigen bewegingen. En dan kan ik met moeite verder lopen. Dan moet ik zó geconcentreerd op mijn eigen stappen letten en goed blijven kijken waar ik mijn voeten neerzet. Maar ook zo'n hoge, metalen trap. Zo één die helemaal open is, waarvan de treden helemaal open zijn. Dat vind ik ook heel moeilijk. Want je kunt dan steeds de grond zien. En je ziet dan ook de hoogte waar je bent. En buiten, op een stenen trap met pittige zijwind, dat is ook heel lastig. Die trap die ken ik wel, want in Zoutelande heb je die vanaf de boulevard, heb je een hele trap omhoog om aan de andere kant dan bij het strand te komen van de Westerschelde. En als het daar dan heel hard waait, dan is dat een hele lastige trap om op te lopen. En helemaal als dus die zijwind dus zó hard is, vooral de zijwind, dan ben ik met verschillende dingen tegelijk bezig. Ik ben met mijn eigen stappen bezig, hoe zet ik mijn voeten neer? En waar? En ik ben me dan ook aan het overeind houden, in plaats van opzij geblazen ze worden. En ook ..ehm.. de wind die door mijn haren gaat en die dan voor mijn ogen geblazen worden, dan kan ik het weer even niet zo goed zien en natuurlijk mijn ademhaling reguleren. En ook al die mensen die ook op die trap lopen, waar je rekening mee moet houden. Die dan ineens stoppen halverwege de trap terwijl jij door wil lopen. Dus als het druk is op die trap, moet je ook altijd beter opletten. En om die trap op te lopen, heb je natuurlijk echt die conditie nodig. Af lopen is dan veel meer rekening houden met je evenwicht. Is best een moeilijke evenwichtsoefening. En ik sta best verbaasd hoe veel mensen hier in Zeeland, bij Zoutelande, verderop heb je van die hele hoge, houten trappen, vanaf de duin waar je dan omhoog moet om dan aan de andere kant naar beneden te gaan naar het strand. Hoeveel mensen die trappen ook nemen! En eigenlijk vind ik dat ook wel fijn om te weten, dat er nog zo veel mensen zijn die die trappen gewoon gebruiken! Ja en al deze woorden, kom ik toch weer uit op die trap. Naar aanleiding van dat woord kracht. Wat doet denken bij mij aan de zwaartekracht. Maar ik vertelde aan het begin van deze aflevering: deinen op de golven van het leven. En dat is natuurlijk een metafoor. Dat beleef ik niet in het echt, want al jaren, komen we in de vakantie op het strand, zonder dat ik ga zwemmen in de zee. Vroeger deed ik dat wel, toen de kinderen ook nog klein waren. Maar tegenwoordig ga ik dat niet meer zo gauw doen. En dat deinen op die golven, ik weet hoe het voelt. Maar dat zijn dan wel ervaringen van lang geleden, want nu zou mijn lijf dat helemaal niet meer kunnen handlen. Als ik nou op een luchtbedje ga of op een ..ehm.. strandbal en dat ik daarop ga drijven, in die golven blijven maar heen en weer gaan. Ik geloof niet dat ik dat op dat moment wel heel fijn vind, maar niet als ik dan uit het water kom en weer ja, rechtop moet gaan lopen. Ik ben bang dat ik dan heel draaierig ga worden. Maar als metafoor kan ik dat natuurlijk wel gebruiken. Deinen op de golven, is ook meebewegen met de stroom van het leven. Steeds weer. Maar ja, dan gebeurt er toch weer iets vreemds in mijn hoofd. Als ik meebeweeg met de stroom van het leven, zoals nu op de vakantie, niets ligt vast, dan kan dat zo weer anders zijn! In plaats van de zon blijft het regenen. De riolering hier die stuk is en waarbij niet duidelijk is wanneer hij gemaakt is. Ja daar moet ik wat mee, vind ik dat erg of niet? Onze zoon die toch nog een paar dagen komt kamperen. Dan voelt het toch allemaal alsof ik het leven in mijn hand houd, dat ik het leven juist wél beheers. Alleen is dat wel vanuit een ontspannenheid en niet in een krampachtig vasthouden. En zo wil ik mijn hele leven altijd wel beheersen. Want juist dan kan ik me ook laten verrassen door iets wat om me heen gebeurt. Dan is er wel een voorwaarde nodig, dat is om in beweging te zijn en te blijven. Om mee heen te kijken. Om te luisteren. Zoals van de week, hoorden we en zagen we de wulpen en de regenwulpen. Ja, wat ik wel een fijn geluid vind, is de regen op de tent. En die kan ik alleen horen met mijn hoortoestellen in, want anders hoor wel iets, maar dan weet ik niet precies wat ik hoor. Dan herken ik het niet als regen. Maar de regen die is ook fijn, want die maakt mijn huid nat, tijdens het fietsen. Dan krijg ik natte handen, natte armen, natte benen. En als ik dan echt goed voel, dan is het eigenlijk heerlijk! Helemaal in de zomer dan hè! In de winter vind ik dat niet fijn. En het enige wat ik lastig vond, toen het zo ongelofelijk hard een keer regende, was eigenlijk de zorg om mijn hoortoestellen. Want die mogen niet kletsnat worden. Maar vaker is het in de zomer, dat ik de zon op mijn gezicht voel. Dat is natuurlijk veel lekkerder! En nu zijn we ook weer op vakantie. En op vakantie is het dan heerlijk om zelf te bepalen wat ik ga doen. Dan ga ik even schrijven. Of lezen. Of haken. Of tekenen. En ook, ik bepaal zelf wat ik schrijf, en wat ik lees en wat ik ga maken. En dat doe ik allemaal in eigen tempo. En af en toe doen we een spelletje samen. Een gezelschapsspelletje. En we gaan er ook vaak erop uit! Ja, en waarnaartoe? Ja, dan fietsen we naar Oostkapelle of naar Zoutelande of naar Middelburg. En dan via welke route, dat weten we niet altijd van tevoren, want er zijn zoveel weggetjes naar al die plaatsen. En dan gaan we niet alleen de knooppuntroutes volgen, want er zijn zo veel weggetjes die je nog niet eerder bewust hebben gefietst. Elke keer weer. En zo leuk om die te ontdekken. En ik denk dat we ook straks naar Middelburg gaan. Dat is nu het plan. Maar het kan ook nog helemaal anders worden. Ja en dan is het ook goed, want ja, dat is natuurlijk dat mee stromen. Of te wel het deinen op de golven. Ik ga verder genieten van mijn vakantie. Dit was seizoen 11, aflevering 18: Deinen, van de podcast 'Evenwicht, je leven'. Je hebt geluisterd naar Paula Hijne. En dank je wel voor het luisteren. Tot de volgende keer!

    18 Deinen

About

Evenwicht, je leven De podcast over het zintuig evenwicht.  Ervaringen en informatie over ons zintuig evenwicht. De evenwichtsorganen in ons binnenoor zijn onderdeel van een complex evenwichtssysteem, waardoor we alles kunnen doen wat we doen. Elke actie is namelijk mogelijk door dit bijzondere zintuig evenwicht.  In deze podcast komt ook het psychisch evenwicht aan bod. Kortom, evenwicht in de breedste zin van het woord.  'Evenwicht, je leven' is de podcast van Paula Hijne. Zij is auteur van het boek 'Evenwicht in uitvoering, hoe ons evenwicht werkt'. https://evenwichtinuitvoering.nl/