Fantasyfans

De plek voor fans van fantasy, sciencefiction en andere fictie.

Fantasyfans is de Nederlandstalige podcast voor liefhebbers van fantasy, boeken en verhalen. Presentator Roderick Vonhögen ontmoet schrijvers, illustratoren, cosplayers, kunstenaars en andere makers uit de Nederlandse en Vlaamse fantasywereld. Ontdek nieuwe fantasyboeken en auteurs, luister naar de verhalen achter bijzondere werelden en personages en maak kennis met de creativiteit van cosplayers, tekenaars en andere makers. Ook bezoeken we fantasyfestivals zoals Castlefest en Elfia, waar fantasy fans, schrijvers en makers samenkomen. Of je nu graag fantasy leest, zelf verhalen schrijft, aan cosplay doet of gewoon nieuwsgierig bent naar de mensen achter het genre, Fantasyfans laat je kennismaken met wat er allemaal leeft in de fantasywereld. Nieuwe interviews en verhalen verschijnen regelmatig. fatherroderick.substack.com

  1. 5d ago

    De sprookjesachtige wereld van Isabella van Maaren

    Van vergeten Nederlandse volksverhalen tot felgekleurde draken: de Nijmeegse illustrator Isabella van Maaren brengt met haar tekeningen fantasiewerelden tot leven. Tijdens Elfia Arcen vertelt ze over haar liefde voor sprookjes, haar zoektocht naar een eigen stijl en waarom je als beginnend kunstenaar vooral veel lelijke dingen moet durven maken.Een meisje ligt te slapen op de rug van een paard, tegen een felroze hemel. Even verderop kijkt een dreigende zwarte wolf je aan. En tussen de sterren zweeft een draak in bijna fluorescerende tinten rood en roze. Het zijn beelden die onmiddellijk vragen oproepen. Wie is dat meisje? Waar komt die wolf vandaan? En waar vliegt die draak naartoe? Tijdens Elfia Arcen blijf ik staan bij een kraampje met de naam “Theeleut Tekeningen”. De illustraties vallen me meteen op door hun bijzondere kleuren en sprookjesachtige sfeer. Achter de kraam staat Isabella van Maaren, een illustrator uit Nijmegen die duidelijk een zwak heeft voor fantasie, folklore en, zoals de naam van haar onderneming al verraadt, thee. „Ik hou erg van veel felle kleuren, ook als het niet per se logisch is”, vertelt ze. „Of wat roze lucht of zo. En sterretjes en glitters en veel waterverf. Beetje vloeiende kleurtjes.” Het resultaat is een verzameling kleine werelden waarin je als bezoeker gemakkelijk verdwaalt. Maar achter sommige van die tekeningen blijken verhalen schuil te gaan die veel ouder zijn dan je zou verwachten. Vergeten sprookjes uit eigen land Het slapende meisje op het paard blijkt Liesje te zijn, een personage uit een oud Noord-Hollands sprookje over het zeepaard van Volendam. Isabella vertelt hoe het meisje zich niet thuis voelt tussen de mensen en vriendschap sluit met een magisch paard. Uiteindelijk vluchten ze samen de zee in. De zwarte wolf daarnaast komt uit een heel ander verhaal: de weerwolf van Bladel, een sprookje uit Brabant. Beide illustraties maakte Isabella voor haar boek Sprookjes uit heel Nederland, waarin ze twaalf volksverhalen uit verschillende Nederlandse provincies heeft verzameld, herschreven en geïllustreerd. Opvallend genoeg begon dat boek als een schoolopdracht. Voor haar eindproject aan de kunstacademie mocht Isabella zelf kiezen wat ze wilde maken. Een docent stelde voor om een bestaand sprookje te illustreren, zodat ze niet ook nog zelf een verhaal hoefde te schrijven. Maar toen Isabella op zoek ging naar geschikte sprookjes, ontdekte ze hoeveel Nederlandse volksverhalen ze eigenlijk niet kende. „Toen kwam ik zoveel Nederlandse sprookjes tegen die ik niet kende, dat ik dacht: dit is zonde, dit moeten meer mensen kennen.” Ze besloot er een heel boek van te maken. Sommige oorspronkelijke teksten waren geschreven in ouderwets Nederlands, dus herschreef ze de verhalen om ze toegankelijker te maken. Vervolgens maakte ze er haar eigen illustraties bij. Zo werd een illustratieopdracht onverwacht ook haar debuut als auteur. En het boek blijkt op Elfia behoorlijk wat nieuwsgierigheid op te wekken. Veel bezoekers hebben nog nooit gehoord van de sprookjes uit hun eigen provincie. Soms herkent iemand iets uit een verhaal dat vroeger door een grootouder werd verteld. Dat vindt Isabella misschien wel het leukste aan de reacties. Haar boek brengt niet alleen vergeten verhalen onder de aandacht, maar roept af en toe ook oude herinneringen op. Een voorliefde voor sprookjes met een donker randje Isabella’s liefde voor sprookjes begon al op jonge leeftijd. Ze groeide op met Disneyfilms, maar ook met de sprookjesboeken waaruit haar ouders voorlazen. De verhalen en de bijbehorende illustraties waren voor haar onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wanneer ik vraag welk sprookje vroeger haar favoriet was, komt er een verrassend antwoord: De Kleine Zeemeermin. Maar niet de vrolijke Disneyversie. „Wel de gruwelijke versie waar ze dan uiteindelijk opging in de bubbels”, vertelt ze. Vooral de prachtige tekeningen maakten indruk op haar. Het is een mooi voorbeeld van wat klassieke sprookjes zo bijzonder maakt. Ze hoeven niet altijd goed af te lopen. Achter de magie en verwondering schuilt vaak ook iets verdrietigs, gevaarlijks of geheimzinnigs. Die combinatie herken ik in Isabella’s illustraties. Zelfs wanneer de kleuren vrolijk en uitbundig zijn, hebben de beelden iets mysterieus. Ze laten genoeg aan de verbeelding over om zelf verder te fantaseren. Een eigen stijl die je zelf niet meteen herkent Wie Isabella’s tekeningen naast elkaar ziet, herkent al snel een duidelijke stijl. De opvallende kleuren, zachte overgangen en sprookjesachtige composities geven haar werk een eigen karakter. Toch vertelt Isabella dat ze tijdens haar opleiding aan de kunstacademie lang heeft geworsteld met het vinden van die eigen stijl. „Ik heb er heel erg hard naar gezocht. Ik heb de kunstacademie gedaan en ik kon het niet echt vinden, voor mijn gevoel.” Pas toen steeds meer mensen haar werk begonnen te herkennen, realiseerde ze zich dat ze blijkbaar toch iets eigens had ontwikkeld. Ook haar techniek veranderde in de loop der jaren. Waar ze vroeger vooral digitaal tekende, stapte ze voor haar sprookjesboek over op gouache, een verfsoort die eigenschappen van waterverf en acrylverf combineert. Sindsdien werkt ze vrijwel uitsluitend met dat materiaal. Gouache past goed bij de kleurrijke, schilderachtige uitstraling van haar illustraties. En er is nog een praktisch voordeel, vertelt Isabella lachend: de verf is wateroplosbaar, dus je kunt hem nog uit je kleren wassen. Waarom je vooral veel lelijke dingen moet maken Omdat veel bezoekers van Fantasyfans zelf ook creatief bezig zijn, vraag ik Isabella welk advies ze zou geven aan mensen die graag willen tekenen of schilderen, maar moeite hebben om te beginnen. Haar antwoord is even eenvoudig als verfrissend. „Ga gewoon dingen maken die je zelf ook lelijk vindt. Maar als je maar gewoon gaat maken.” Volgens Isabella lopen veel mensen vast omdat ze bang zijn dat het resultaat niet zal voldoen aan het beeld dat ze in hun hoofd hebben. Ze wachten tot ze goed genoeg zijn, terwijl ze juist door te oefenen beter kunnen worden. Haar advies is om bijvoorbeeld tien keer hetzelfde onderwerp te tekenen. Niet omdat iedere poging mooi moet zijn, maar om te wennen aan het maken van dingen die nog niet lukken. „Op een gegeven moment heb je zoveel lelijke dingen gemaakt en ineens vind je het niet meer erg.” Het is een inzicht dat volgens mij niet alleen voor illustratoren geldt. Ook als je schrijft, muziek maakt of een ander creatief project wilt beginnen, kan de angst voor een tegenvallend resultaat behoorlijk in de weg zitten. Misschien begint creativiteit wel op het moment dat je jezelf toestaat iets te maken dat nog niet goed is. Een draak die zijn eigen verhaal vertelt Voordat ik verder loop over Elfia, laat Isabella me nog een van haar nieuwste tekeningen zien. Het is een draak in opvallende roze en rode tinten, bijna neonachtig, die tussen de sterren lijkt te zweven. Ik vraag haar wat de draak aan het doen is. „Ik heb geen idee. Hij is vast op avontuur naar iets, maar ik weet het niet.” Dat vind ik misschien wel het mooiste antwoord van ons hele gesprek. Want terwijl Isabella nog geen verhaal voor haar draak heeft bedacht, zie ik er meteen eentje voor me. In mijn ogen lijkt het dier nieuwsgierig rond te kijken, alsof het pas net uit zijn nest is gekomen en voor het eerst de grote wereld ontdekt. Isabella lacht. Dat zou best kunnen. En daarmee laat ze precies zien wat haar tekeningen zo aantrekkelijk maakt. Ze geven je niet alle antwoorden. Ze nodigen je uit om zelf verhalen te verzinnen. Van een vergeten Nederlands volksverhaal tot een jonge draak op zijn eerste avontuur, bij Theeleut Tekeningen is ieder schilderij het begin van een nieuwe fantasiewereld. Meer ontdekken? Je vindt Isabella’s illustraties en haar boek Sprookjes uit heel Nederland via haar website en Instagram onder de naam ‘Theeleuttekeningen’.Beluister ook het interview in de Fantasyfans-podcast, opgenomen tijdens Elfia Arcen. Get full access to Father Roderick at fatherroderick.substack.com/subscribe

  2. Oct 7

    Elfia Arcen 2026: een weekend in een wereld vol fantasie

    Een Viking met een enorme bijl loopt langs een Disneyprinses. Even verderop wandelt een kleine draak aan een hondenriem, terwijl twee steampunkpiraten op hun vrienden wachten. Op de trappen van het kasteel poseert Cruella de Vil voor de fotografen. Welkom in Elfia, waar het volkomen normaal is dat personages uit totaal verschillende werelden elkaar tegenkomen. Op 19 en 20 september veranderden de Kasteeltuinen van Arcen opnieuw in een koninkrijk vol fantasie. Ik reisde ernaartoe om voor Fantasyfans.nl verslag te doen en bezoekers te ontmoeten. Met mijn microfoon in de hand trok ik langs de marktkramen, door de tuinen en over de verschillende festivalterreinen. En zoals zo vaak op dit soort evenementen bleek het leukste niet wat er op het programma stond, maar wie ik onderweg tegenkwam. Een koninkrijk waar iedereen welkom is De reis naar Arcen is voor mij altijd een flinke onderneming. Met het openbaar vervoer ben ik al gauw anderhalf tot twee uur onderweg, zeker wanneer de treinen vertraging hebben. Maar zodra ik de brug naar de ingang oversteek, ben ik die reis alweer vergeten. Bij de poort staan twee wachters. De ene draagt een glimmende helm, de andere heeft een bezem bij zich. Ook in een fantasiekoninkrijk moet iemand tenslotte de boel schoonhouden. Na de visumcontrole, de tassencontrole en een inspectie van de meegebrachte zwaarden en andere wapens mag ik het koninkrijk binnen. Bij het kasteel staan de eerste fotografen al klaar. De vijver met waterlelies en de statige trappen vormen een prachtig decor voor de bezoekers die in hun mooiste kostuums poseren. Wat me meteen opvalt, is hoeveel verschillende soorten fantasie hier samenkomen. Vikingen, elfen, animepersonages, Disneyprinsessen, steampunkers en figuren uit computerspellen lopen kriskras door elkaar. Een familie heeft zich verkleed als boswezentjes. De vader vertelt dat ze eigenlijk heel klein zijn, maar vandaag dankzij een toverdrankje enorm zijn gegroeid. Zijn kinderen dragen grote paddenstoelhoeden en zijn vastbesloten om echte kabouters te vinden. Even verderop ontmoet ik Roosje, een hondje met drakenvleugels. Volgens haar baasje is ze ook zonder kostuum soms een klein draakje. Daar merk ik weinig van, want ik krijg meteen een vriendelijke lik over mijn hand. De kunst van het verkleden Een van de dingen die ik het leukste vind aan Elfia is de enorme hoeveelheid creativiteit die je overal tegenkomt. Twee bezoekers in schitterende bloemenkostuums vertellen dat ze ongeveer een maand aan hun kleding hebben gewerkt. En dan moet je op de festivaldag zelf ook nog vroeg opstaan om alle schmink, glitters en accessoires aan te brengen. Andere bezoekers werken jarenlang aan hun kostuums en blijven die steeds verder verbeteren. Zo ontmoet ik opnieuw een cosplayer met enorme vleugels, geïnspireerd op de boekenwereld van A Court of Thorns and Roses. Zijn vleugels liggen tijdelijk opzij, want zelfs in een magische wereld moet je af en toe naar het toilet. En dat blijkt met zulke grote vleugels behoorlijk ingewikkeld. Dat is meteen een van de leuke kanten van Elfia. Achter al die indrukwekkende verschijningen zitten gewone mensen, met gewone praktische problemen. Gelukkig loopt er ook een Cosplay Medic rond. Hij heeft een complete reparatieset bij zich met naalden, lijm, tape, schroevendraaiers en allerlei materialen om kapotte kostuums weer op te lappen. Vooral schoenen blijken het tijdens zo’n festival nogal eens te begeven. En een losgeraakte pruik of gescheurde naad kan natuurlijk ook zomaar gebeuren. Zelfs magie heeft af en toe wat onderhoud nodig. Een markt vol verhalen De markten vormen voor mij een van de hoogtepunten van Elfia. Niet zozeer omdat ik van alles wil kopen, maar omdat achter vrijwel iedere kraam een verhaal schuilgaat. Bij een keramiekkraam raak ik aan de praat met Tanja, die al zestien jaar keramiek maakt. Ze laat me bijzondere bekers zien die op extreem hoge temperaturen zijn gebakken. Sommige hebben een oppervlak dat bijna op drakenhuid lijkt. Mijn favorieten zijn haar paddenstoelbekers. Zet je ze ondersteboven neer, dan lijken het kleine rood-witte paddenstoelen. Draai je ze om, dan kun je eruit drinken. Ze heeft zelfs een enorme keramieken paddenstoel gemaakt die als bijzettafel of krukje kan dienen. Even verderop ontdek ik een complete tattoostudio. Hier laten bezoekers elfjes, Pokémon en andere fantasyfiguren op hun huid vereeuwigen. Sommigen komen ieder jaar terug voor een nieuwe tatoeage, zodat hun verzameling langzaam groeit. Een soort permanent festivalpaspoort, eigenlijk. Ik bewonder de vaste hand van de tatoeëerders, maar ook de moed van hun klanten. Zelf heb ik nog altijd geen tatoeages. Dat heeft misschien iets te maken met mijn geringe enthousiasme voor naalden. Bij fantasyboekhandel Het Verboden Rijk liggen ondertussen prachtige speciale edities en geïmporteerde boeken uit Engeland en Amerika. Eigenaar Danny Sondak blijkt werkelijk alles te weten over de verschillende fantasygenres, van cozy fantasy tot dark fantasy. Hij geeft me een boekentip, Big Bad Wolf van Laurie Gilmore, een nogal pikante variatie op Roodkapje. Vervolgens stelt hij me de vraag die ik als beginnend fantasyschrijver tegenwoordig steeds vaker hoor. Wanneer komt mijn eigen boek eigenlijk uit? Tja. Zodra ik het geschreven en herschreven heb, natuurlijk. Ik vertel hem dat ik nog midden in de eerste grote herschrijving zit. Gelukkig heb ik van andere auteurs geleerd dat je daar beter de tijd voor kunt nemen. Zeker wanneer je een nieuwe fantasywereld introduceert waarin je later nog meer verhalen wilt vertellen. En terwijl ik verder loop, besef ik dat ik op Elfia eigenlijk overal mensen tegenkom die precies hetzelfde doen als ik. Ze bedenken iets wat nog niet bestaat en proberen het vervolgens werkelijkheid te laten worden. Alleen gebruiken zij daarvoor stof, leer, keramiek of schmink, terwijl ik het met woorden probeer. Bij de Vikingen wordt serieus gevochten Op een groot open veld staan tientallen tenten. Er wordt gesmeed, er lopen krijgers rond met schilden en bijlen en overal zie ik mensen in historische kleding. Ik ben aangekomen in het Vikingdorp. Een van de deelnemers legt uit dat hier twee groepen samenkomen. Aan de ene kant zijn er historische re-enactors die proberen te laten zien hoe mensen in de vroege middeleeuwen leefden. Daarnaast zijn er fantasy-Vikingen, bij wie cosplay en rollenspel een grotere rol spelen. Ik raak aan de praat met een Vikingvechter die al zes jaar aan deze sport doet. Hij vertelt dat de gevechten behoorlijk intensief kunnen zijn, maar dat echte agressie absoluut niet thuishoort op het strijdveld. Juist omdat er met wapens wordt gevochten, moeten de deelnemers hun emoties onder controle houden. Na afloop voelt hij zich heerlijk ontspannen. Niet veel later ontmoet ik een Vikingpriesteres uit Uppsala. Ze draagt een bijzondere houten kroon, waarmee ze volgens haar gemakkelijker contact kan maken met de goden. Ik vergelijk haar voor de grap met een mobiele telefoon uit de Vikingtijd. Een soort verbinding tussen hemel en aarde. Dan klinkt er plotseling luid getoeter. Een groep Vikingen trekt in optocht naar de arena, waar de gevechten gaan beginnen. Ik loop een stukje mee en zie hoe de krijgers hun schilden heffen, met hun wapens op de grond stampen en vervolgens tegenover elkaar gaan staan. De gevechten zijn verrassend fel. Er wordt met bijlen gezwaaid, schilden worden op de grond gegooid en uiteindelijk wordt een van de krijgers met zijn eigen wapen verslagen. Gelukkig alleen voor de voorstelling. Bekende gezichten in een andere gedaante Wie regelmatig fantasyfestivals bezoekt, komt steeds vaker dezelfde mensen tegen. Al herken je ze niet altijd meteen. Dat is ook niet zo vreemd. Iemand die je de vorige keer als Pokémontrainer hebt ontmoet, kan vandaag zomaar als piraat of kabouter voor je staan. Bij een van de vijvers ontmoet ik Niels, die ik al jaren ken van zijn indrukwekkende cosplaycreaties. Vandaag is hij Bowser uit de Nintendo-spellen, maar dan in een wat meer alledaagse uitvoering. Zijn felrode haar, groene kleding en grote ketting maken meteen duidelijk wie hij voorstelt. Niels vertelt enthousiast over zijn andere creaties, waaronder een enorme Onix uit Pokémon en een indrukwekkend Buzz Lightyear-kostuum uit Toy Story. Dat laatste kostuum is zo gedetailleerd dat zelfs de naam Andy onder zijn schoen staat. Maar het mooiste aan ons gesprek vind ik iets anders. Niels gebruikt zijn kostuums ook voor vrijwilligerswerk en evenementen voor kinderen. Zo was hij aanwezig op een prikkelarme conventie in Arnhem, waar kinderen die moeite hebben met grote drukke evenementen toch hun favoriete helden kunnen ontmoeten. Hij vertelt hoeveel voldoening het geeft om een glimlach op het gezicht van een kind te toveren. En dat hoor ik die dag vaker. Twee prachtig uitgedoste tuinkabouters vertellen dat hun belangrijkste doel is om mensen aan het lachen te maken. Een groep glamourpiraten heeft ontelbare glinsterende steentjes met de hand op hun kostuums aangebracht, gewoon omdat ze het heerlijk vinden om anderen met hun verschijning te verrassen. Voor veel cosplayers gaat het niet alleen om het maken van iets moois. Het gaat ook om het plezier dat je ermee aan anderen kunt geven. De tuinen zijn minstens zo magisch Wat Elfia Arcen voor mij bijzonder maakt, is de locatie. De Kasteeltuinen hebben een enorme verscheidenheid aan landschappen en tuinstijlen. Je kunt er langs statige vijvers wandelen, maar ook door kleine bamboebossen, langs watervallen en over kronkelende paden tussen grote rotsblokken. Voor fotografen en cosplayers is het een ideale omgeving. In een tuin met vierkant gesnoeide bomen moet ik meteen aan Minecraft denken. Even verderop sta ik tussen enorme bamboestengels en lijkt het alsof ik ergens in Azië ben beland. Bij een rotswand ontmoet ik twee Griekse godinnen. De ene blijkt Artemis te zijn, de andere Athena. Wanneer ik vraag wie van hen het mooiste kostuum heeft, komt het antwoord verrassend snel: Aphrodite. Al

  3. Sep 11

    Evermore: fantasy op mensenmaat

    Tussen reusachtige vogels, Schotse dansen, Witte Wieven en een opvallend ontspannen publiek liet de eerste editie van Evermore zien dat een fantasyfestival niet groot hoeft te zijn om groots te voelen. Wie Landgoed Kernhem bij Ede oploopt, hoeft niet veel fantasie te hebben om zich even ergens anders te wanen. Een lange laan onder de bomen, een statig landhuis op de plek waar ooit een kasteel stond, gekleurde vlaggetjes tussen de kraampjes en overal bezoekers in kostuum. Het zou zomaar een feestdag in de Gouw kunnen zijn. Alleen het bord bij de ingang verraadt dat we toch echt op een fantasyfestival in Gelderland zijn: Evermore is uitverkocht. Dat is opvallend voor een fantasyfestival dat hier voor het eerst wordt georganiseerd. Maar eenmaal binnen wordt al snel duidelijk waarom het evenement zoveel mensen heeft weten te trekken. Evermore voelt vertrouwd, alsof het er al jaren is, maar tegelijkertijd ook anders dan veel grotere fantasyfestivals. Rustiger. Kleiner. Persoonlijker. Of, zoals initiatiefnemer Coco Heitink het later die dag zelf mooi samenvat: fantasy op ‘hobbitmaat’. Van het ene wonderlijke tafereel naar het andere Het terrein nodigt uit om rond te dwalen zonder precies te weten waar je uitkomt. Langs de paden staan kraampjes met boeken, dobbelstenen, sieraden, leren buideltjes, kruidenthee en kleine voorwerpen waaraan complete verhalen zijn verbonden. Een oude sleutel is hier niet zomaar een sleutel. Het is een magische sleutel die misschien geen echte deur meer opent, maar wel een denkbeeldige. Een paar meter verderop staat een complete Alice in Wonderland-tafel, inclusief het witte konijn met zijn zakhorloge. Elders klinkt het gekletter van zwaarden terwijl bezoekers kennismaken met zwaardvechten. En dan verschijnen er ineens twee reusachtige vogels. Het zijn performers op stelten, hoog boven het publiek, gehuld in enorme verenkostuums. Kinderen rennen ondertussen achter zeepbellen aan en kijken af en toe toch even omhoog naar de imposante wezens boven hen. Zodra de zon tussen de wolken doorbreekt, spreiden de vogels hun vleugels uit. Je hoeft nergens speciaal voor in de rij te staan. Je volgt de paadjes door het landgoed en je ontdekt een wereld die ineens een beetje sprookjesachtiger is geworden. Een paddenstoeldame aan de waterkant Even verderop blijkt dat de fantasie op Evermore niet alleen van de organisatie komt. Veel bezoekers brengen hun eigen verbeelding tot uitdrukking in de kostuums die ze voor de gelegenheid hebben uitgekozen. Bij een klein vijvertje staat een vrouw met een zelfgemaakte paddenstoelhoed. De witte stippen keren terug in haar make-up en aan haar riem hangen een drinkhoorn, een mes en allerlei andere spulletjes. Samen met een paar andere bezoekers tuurt ze aandachtig naar het water. Ik vraag me af of ze op zoek zijn naar de zeemeermin die hier eerder in de ochtendzon zat. Of misschien kun je hier een wens doen bij het water? Nee hoor. Ze kijken gewoon naar de beestjes in het water. Juist dat alledaagse moment maakt het tafereel zo leuk. Op een gewone zaterdag zou iemand met een paddenstoel op haar hoofd behoorlijk opvallen. Hier past ze moeiteloos tussen de bomen, het water en de andere kleurrijke bezoekers. Even verderop loopt zelfs een hond met een bloemenkrans alsof dat de normaalste zaak van de wereld is. Zo ontstaat de sfeer van Evermore niet alleen door de decoraties, optredens en kraampjes. Iedereen die verkleed komt, iets heeft gemaakt of meedoet aan de activiteiten draagt er een stukje aan bij. Je bent niet alleen bezoeker van een festival, maar medeschepper van een fantasiewereld, ook al is het maar voor één dag. Even dansen met mensen die je nog niet kent Dan begint ergens op het terrein een kleine processie. Een flinke groep mensen trekt naar een grasveld waar muzikanten klaarstaan met viool en Ierse bouzouki. Er gaat Schots gedanst worden. De instructie is simpel: zoek iemand op en doe mee. Ook als je die persoon nog helemaal niet kent. Even later staat het veld vol dansende mensen. Een deel van hen kent elkaar via de Mystic Guild, een fantasycommunity in Ede voor vrouwen die inmiddels meer dan 150 leden telt. Ze organiseren onder andere Dungeons & Dragons-middagen, creatieve activiteiten, zwaardvechtworkshops en een hobbitpicknick. Daarmee wordt zichtbaar wat dit soort festivals naast kostuums, boeken en kraampjes nog meer betekenen. Ze brengen mensen bij elkaar. Veel bezoekers begonnen ooit individueel met hun liefde voor fantasy. Via Harry Potter, Percy Jackson, Tolkien, mythologie, Dungeons & Dragons of een eerste bezoek aan een fantasyfestival. Pas later ontdekten ze hoeveel andere mensen precies hetzelfde leuk vinden. Op het dansveld wordt dat ineens heel tastbaar. Fantasy is hier geen genre dat je thuis in je eentje consumeert. Het wordt iets wat je samen doet. Verhalen die uit de grond zelf komen Dat Evermore juist op Kernhem plaatsvindt, geeft het festival nog een extra laag. Verteller Abe vertelt er over Witte Wieven, de Witte Juffer van Kernhem en verhalen die letterlijk uit deze streek afkomstig zijn. Een andere verteller verweeft geesten, vervloekte stenen en het verdwenen kasteel van Kernhem tot een verhaal waarbij je je voortdurend kunt afvragen waar de geschiedenis ophoudt en de fantasie begint. Dat lokale karakter maakt het festival meer dan een verzameling willekeurige fantasy-elementen. Zelfs in een aantal kunstwerken aan de rand van het terrein komt Gelderland terug. Eén van de kunstenaars combineert een vliegend hert en een neushoornkever, dieren die in de provincie voorkomen, tot een enorm fantasiewezen waarop een ork rijdt. Fantasy hoeft blijkbaar niet altijd uit een verzonnen wereld ver weg te komen. Soms hoef je alleen maar anders te kijken naar de plek waar je al bent. De magie van iets maken dat er eerst niet was Dat idee komt ook terug in een gesprek met een goudsmid van Ennorandirrim, een re-enactment groep van het Tolkiengenootschap Unquendor. Zijn liefde voor Tolkien begon ooit toen een leraar over The Hobbit vertelde. Inmiddels komen verhalen en creativiteit in zijn eigen werk samen. Hij maakt sieraden en ziet juist het vermogen om iets te bedenken wat nog niet bestaat als een van de mooiste kanten van creativiteit. Je begint met iets dat alleen in je hoofd bestaat. Daarna is het er ineens. Op Evermore gebeurt dat overal. Bij een tafel vol kinderen en volwassenen die hun eigen toverstaf versieren. Bij bezoekers die fantasytegeltjes beschilderen. Bij mensen die met bloemen en zonlicht cyanotypes maken. En bij een kunstenaar die met blauwe en paarse verfbussen de geluksdraak Falkor uit The NeverEnding Story op een doek schildert. Voor haar staat Falkor voor iets groters: het terugbrengen van fantasie naar de echte wereld. Dat blijkt opvallend goed te passen bij wat er op deze plek gebeurt. Want fantasy is hier niet alleen ontsnappen naar een andere wereld. Het is ook een aanleiding om te schilderen, naaien, bouwen, dansen, verhalen te vertellen en met vreemden in gesprek te raken. Gewoon in deze wereld. Een festival waar je niet van hoeft bij te komen Misschien zit het meest onderscheidende van Evermore uiteindelijk niet in één optreden, kostuum of kraampje. Het zit in wat er ontbreekt. Geen overweldigende mensenmassa’s. Geen voortdurende herrie. Geen gevoel dat je zo snel mogelijk van programmaonderdeel naar programmaonderdeel moet rennen. Coco Heitink vertelt dat die kleinschaligheid bewust is gekozen. Grote festivals kunnen voor sommige bezoekers simpelweg te veel worden. Evermore wil juist gemoedelijk blijven. Die gedachte is verder doorgevoerd dan alleen het aantal bezoekers. Samen met lokale organisaties werd gekeken naar rolstoeltoegankelijkheid en naar manieren om prikkels te verminderen. Er is een ontprikkelruimte, bij lezingen zijn gebarentolken aanwezig en ook met vervoer en rolstoelplekken is rekening gehouden. Toegankelijkheid, zegt Coco, is een van de belangrijkste speerpunten van het festival. Het doel is uiteindelijk opmerkelijk eenvoudig: dat mensen aan het einde van de dag niet vooral denken aan wat ze door drukte, vermoeidheid of overprikkeling hebben moeten missen. Maar aan wat ze wél hebben kunnen meemaken. Helemaal jezelf, maar dan misschien met een paddenstoelhoed Aan het einde van de dag lijkt het succes van Evermore daarom minder te zitten in de vraag hoeveel attracties je op een terrein kunt zetten. Het zit in de ruimte die je mensen geeft om er zelf onderdeel van te worden. Om een kostuum te dragen. Om iets te maken. Om te dansen met iemand die je niet kent. Om naar een verhaal over Witte Wieven te luisteren. Om met een kunstenaar over The NeverEnding Story te praten. Om nieuwe dobbelstenen te kopen terwijl je er thuis waarschijnlijk al veel te veel hebt. Of gewoon om in het gras te zitten en naar alles te kijken. Coco hoopt vooral dat bezoekers naar huis gaan met het gevoel dat ze een fijne, gemoedelijke dag hebben gehad, vol fantasy, en dat ze helemaal zichzelf konden zijn. Misschien is dat uiteindelijk precies waar een goed fantasyfestival voor bedoeld is. Niet om de echte wereld voor één dag te ontvluchten. Maar om er samen iets meer fantasie aan toe te voegen. Wil je je even onderdompelen in de sfeer tijdens het festival en de interviews zelf horen? Luister dan naar de podcastaflevering via de audiospeler bovenaan deze pagina en abonneer je op de Fantasyfans.nl podcast in je favoriete podcastapp! Get full access to Father Roderick at fatherroderick.substack.com/subscribe

  4. Sep 2

    De grot die gebouwd was verbergt een veel groter geheim

    Een jongen wordt in paniek door de bewakers van de citadel achtervolgd. Niet veel later kan hij zich niets meer herinneren. Dan vinden een paar studenten een verborgen doos met daarin een brief. De boodschap: er klopt iets fundamenteel niet aan de plek waar ze wonen. En het heeft alles te maken met hun eigen verleden. Dat is het mysterie waarmee G.J.G. Klaassen de jonge hoofdpersonen van zijn fantasydebuut De grot die gebouwd was confronteert. Op het eerste gezicht heeft hij een wereld geschapen met veel herkenbare ingrediënten voor fantasyliefhebbers: magie, verschillende volken, een oude oorlog en een grote citadel waar jongeren uit alle windstreken samenkomen. Maar onder dat avonturenverhaal ligt een veel ongemakkelijkere vraag: wat doe je als je ontdekt dat alles wat je over jezelf dacht te weten misschien niet waar is? Een citadel vol geheimen Hoofdpersoon Sidon is ongeveer dertien wanneer hij in de citadel terechtkomt. Hij ontmoet er jongeren uit verschillende delen van een behoorlijk omvangrijke wereld, waarvoor Gijs zelfs twee kaarten heeft gemaakt. Ze volgen lessen, leren elkaar kennen en ontdekken volken en culturen die voor hen soms compleet nieuw zijn. Een van Sidons beste vrienden is bijvoorbeeld een Asem. Hij lijkt op een mens, maar waar wij haar hebben, groeien bij hem veren op zijn hoofd en armen. Naarmate hij ouder wordt, krijgt hij er steeds meer. Ook magiërs bestaan in deze wereld, al leven zij relatief geïsoleerd. Daar ligt een geschiedenis van oorlog en conflict achter die geleidelijk een rol gaat spelen in het grotere verhaal. Aanvankelijk lijkt de citadel een plek waar Sidon lessen volgt, nieuwe vrienden maakt en de wereld leert kennen. Maar al vanaf de eerste dag gebeuren er vreemde dingen en wordt duidelijk dat achter het dagelijks leven in de citadel iets anders schuilgaat. Bewakers gedragen zich vreemd. Studenten maken dingen mee die ze niet kunnen verklaren. Herinneringen blijken niet vanzelfsprekend betrouwbaar. En dan is er die brief. Iemand probeert de jongeren duidelijk te maken dat ze vragen moeten gaan stellen over de citadel, maar vooral ook over de tijd vóórdat ze daar kwamen. Wie ben je als je niet weet waar je vandaan komt? Daar raakt het fantasy-mysterie aan iets wat Gijs dagelijks om zich heen ziet. Naast schrijver is hij docent op een middelbare school. Juist rond de leeftijd van zijn personages ziet hij jongeren steeds nadrukkelijker bezig zijn met vragen als: wie ben ik eigenlijk? Waar hoor ik bij? Wie wil ik worden? In zijn fantasywereld kan Gijs die herkenbare zoektocht uitvergroten. Want wat gebeurt er met je identiteit als je ontdekt dat zelfs het verhaal over je eigen verleden misschien niet klopt? Die ontwikkeling stopt bovendien niet na het eerste boek. De grot die gebouwd was is het begin van een geplande trilogie en Gijs wil zijn personages daadwerkelijk ouder laten worden. In het vervolg wil hij ook vaker vanuit verschillende personages vertellen. Dat maakt conflicten interessanter. Twee vrienden kunnen immers precies hetzelfde meemaken en daar totaal anders naar kijken. Volgens Gijs hoort dat ook bij opgroeien: je ontwikkelt eigen overtuigingen, ontdekt dat je het niet altijd met je vrienden eens bent en moet bepalen hoe je daarmee omgaat. Fantasy hoeft niet altijd veilig te zijn Een schrijver die Gijs daarbij inspireert is George R.R. Martin. Niet omdat hij van zijn verhaal onmiddellijk een nieuwe Game of Thrones wil maken, maar vanwege de manier waarop Martin conflicten uit personages, familieverhoudingen en overtuigingen laat voortkomen. Gijs denkt daarbij bewust na over hoe ver hij kan gaan. Zijn personages zijn jong, maar dat betekent voor hem niet dat alles wat ze meemaken vriendelijk of ongevaarlijk moet blijven. Hij wijst bijvoorbeeld op The Hunger Games en Avatar: The Last Airbender. Verhalen die toegankelijk zijn voor een jong publiek kunnen ondertussen behoorlijk zware onderwerpen aansnijden. In Avatar komen bijvoorbeeld oorlog, verlies, rouw en zelfs genocide voorbij. Het gaat volgens hem niet alleen om wat je laat gebeuren, maar vooral om hoe je het beschrijft. Een gebeurtenis kan verschrikkelijk zijn zonder dat een schrijver ieder gewelddadig detail hoeft te vertellen. Op die manier kan een verhaal behoorlijk donker worden, zonder dat het ook expliciet gewelddadig hoeft te worden. Waarom is die grot eigenlijk gebouwd? En dan blijft natuurlijk nog die merkwaardige titel. Want wie bouwt er nu een grot? Het antwoord ligt in een onverwachte inspiratiebron voor een fantasyroman: de Griekse filosoof Plato. In zijn beroemde allegorie van de grot beschrijft Plato mensen die hun hele leven in een grot hebben gezeten en alleen schaduwen van de werkelijkheid kennen. Voor hen zijn die schaduwen de werkelijkheid, totdat iemand ontdekt dat er buiten de grot een veel grotere wereld bestaat. Dat idee werd voor Gijs een belangrijk thema voor zijn geplande trilogie. De grot uit de titel moet je daarom niet letterlijk zoeken op de kaart van zijn fantasywereld. Het is eerder een werkelijkheid die voor iemand is geconstrueerd. Sidon en zijn vrienden zullen moeten ontdekken wat waar is, wat hun is verteld en wat er werkelijk met hen is gebeurd. Plotseling krijgt die vreemde titel daardoor iets dreigends. Want als de grot waarin je leeft gebouwd is, heeft iemand bepaald hoe jij die werkelijkheid moet zien. En dan wordt de belangrijkste vraag: waarom? Links: * Bestel het boek op Boekscout of Bol.com * Volg GJG Klaassen op social media: Facebook | Instagram Get full access to Father Roderick at fatherroderick.substack.com/subscribe

  5. Aug 31

    Waarom fantasy soms precies is wat we nodig hebben

    Sommige weken heb ik meer behoefte aan fantasy dan andere. Na een week met veel verdrietig nieuws merkte ik hoe fijn het kan zijn om even een andere wereld binnen te stappen. Niet per se om de werkelijkheid te ontvluchten, maar juist omdat verhalen soms helpen om die werkelijkheid beter te begrijpen. In deze aflevering denk ik daarover na aan de hand van The Lord of the Rings en Frieren. Beide verhalen gaan op heel verschillende manieren over verlies, vriendschap en de sporen die moeilijke ervaringen achterlaten. Misschien is dat wel een van de redenen waarom fantasy zoveel troost kan bieden. Waarom ik toch naar Elfia ga Er is ook genoeg praktisch fantasynieuws deze week. Ik had eigenlijk besloten Elfia Arcen over te slaan. De hoge prijzen en sommige keuzes van de organisatie maakten me minder enthousiast. Een bezoek aan de kleine Tavern’s Market in Nijmegen bracht me op andere gedachten. Daar besefte ik weer dat ik helemaal niet in de eerste plaats voor het programma naar fantasyfestivals ga. Ik ga voor de ontmoetingen. Voor oude vrienden, nieuwe gezichten, makers achter kraampjes en spontane gesprekken met mensen die dezelfde liefde voor fantasy delen. Dat betekent overigens niet dat mijn zorgen over de steeds hogere festivalprijzen verdwenen zijn. Want hoe toegankelijk blijft onze hobby als een festivalweekend al snel honderden euro’s kost? Een troll, een pak klei en gevonden tijd De Tavern’s Market had nog een ander onverwacht gevolg: ik ben weer volop aan het tekenen. Na een korte TTRPG-sessie wilde ik de trol tekenen die we tijdens ons avontuur hadden verslagen. Inmiddels ligt er ook een pak zelfdrogende klei klaar waarmee ik kleine monnikjes wil maken om als trinkets weg te geven. Het mooie is dat die uren tekenen helemaal niet meer voelen als tijd waarin ik eigenlijk iets nuttigers had moeten doen. Het voelt als gevonden tijd. In de aflevering vertel ik daar meer over, kijk ik vooruit naar Elfia, Heroes Dutch Comic Con, de Fully Booked Book Fair in Leuven en Fantastic Reads, en natuurlijk laat ik mijn eerste versie van de trol zien. Luister naar de volledige aflevering via de podcastspeler hierboven, of kijk de fragmenten terug op het YouTube-kanaal van Fantasyfans. En ik ben vooral benieuwd: welk fantasyverhaal is voor jou een plek geworden waar je graag naar terugkeert? Get full access to Father Roderick at fatherroderick.substack.com/subscribe

  6. Aug 27

    Sciencefiction is ideeënliteratuur

    Stel dat we over een paar eeuwen versleten lichaamsdelen gewoon kunnen vervangen. Een nieuw skelet als het oude niet meer meewerkt, verbeterde ogen wanneer je zicht achteruitgaat en technische hulpmiddelen voor alles waar ons lichaam ons in de steek laat. Een aantrekkelijk vooruitzicht, totdat je bedenkt dat al die nieuwe onderdelen waarschijnlijk hun eigen gebruiksaanwijzing hebben. Misschien heeft dat kunstmatige skelet een beperkte levensduur. Misschien moeten die verbeterde ogen iedere dag met een speciaal zalfje worden onderhouden. En als je nu al regelmatig je bril kwijt bent, waarom zou je in de toekomst ineens wél al je technische hulpmiddelen kunnen terugvinden? Het is precies het soort gedachte-experiment waar Jango Mathijsen en Anaïd Haen plezier in hebben. ‘Het begint wel heel vaak met: wat als?’, zegt Jango. ‘Ja, maar dat is nog niet erg genoeg’, vult Anaïd aan. ‘En dan denken we alsmaar door. Totdat we echt een groot probleem hebben.’ Die manier van denken vormt de basis van veel van hun sciencefiction. In de verhalenbundels Er Zal Eens verkennen ze verschillende mogelijke toekomsten, terwijl hun Ruimtebrekers-serie zich afspeelt in een universum waarin de mensheid zich ver door het Melkwegstelsel heeft verspreid. Hun toekomst is zelden probleemloos, maar ook lang niet altijd de duistere dystopie die sciencefiction soms van ons maakt. Liever naar de toekomst Anaïd weet in ieder geval welke kant ze op zou gaan als tijdreizen ooit mogelijk wordt. Niet terug naar een romantisch verleden, maar vooruit. ‘Ik zou altijd naar de toekomst willen. Ik zou altijd willen weten wat er komt.’ Ook Jango kijkt betrekkelijk optimistisch naar wat daar op ons wacht. Technologische vooruitgang heeft volgens hem in het verleden veel bijgedragen aan onze levensstandaard en ons welzijn. Hij ziet geen reden waarom die ontwikkeling zou moeten stoppen. Alleen verandert technologie één ding niet: de mens zelf. ‘De mens blijft de mens. We hebben heel veel positieve eigenschappen als mensheid, maar er zijn ook een aantal slechte eigenschappen.’ Daarmee is meteen het probleem van een tè perfecte toekomst opgelost. Nieuwe uitvindingen kunnen ons leven aangenamer maken, maar ze geven ons ook nieuwe mogelijkheden om fouten te maken. Hoe krachtiger de technologie, hoe groter bovendien de mogelijke gevolgen als iemand haar verkeerd gebruikt. Voor een sciencefictionschrijver is dat vruchtbare grond. In Er Zal Eens spelen Jango en Anaïd bijvoorbeeld met een technologie waarmee iemand zijn behoefte aan slaap kan uitschakelen en met een vorm van tijdreizen waarbij je terugkeert in je eigen leven. Ze beginnen daarbij niet met de vraag welke spectaculaire technologie ze kunnen verzinnen, maar wat zo’n uitvinding met een mens zou doen. Met de camper door het heelal Sommige toekomstideeën hebben verrassend alledaagse wortels. Anaïds eerste sciencefictionverhaal, Lieve Liefde, ontstond mede vanuit haar liefde voor reizen met een camper. Op camperplaatsen ontstaan tijdelijke gemeenschappen. Mensen komen aan, helpen elkaar wanneer dat nodig is en trekken daarna weer verder. Anaïd stelde zich voor dat reizen door de ruimte ooit op een vergelijkbare manier zou kunnen werken: het heelal als een enorm vrij gebied waarin mensen elkaar onderweg ontmoeten en vervolgens weer hun eigen richting kiezen. Iets van dat idee kwam later terug in het Ruimtebrekers-universum. Daar heeft de mensheid zich over een groot deel van het Melkwegstelsel verspreid en reizen ruimteschepen via ‘geulen’ door de ruimte. Jango vergelijkt ze met de vaarwegen die een ijsbreker door het poolijs maakt. Alleen worden deze geulen door het continuüm van de ruimte gebroken. Ze moeten worden aangelegd en onderhouden, wat vanzelf weer allerlei mogelijkheden voor nieuwe verhalen oplevert. Anaïd ziet zichzelf er al doorheen reizen in een soort ruimtecamper. Het aardige is alleen dat die van binnen waarschijnlijk een stuk minder futuristisch zou zijn dan je bij een sciencefictionschrijver verwacht. Een koekoeksklok in de ruimtecamper Thuis loopt Anaïd namelijk bepaald niet voorop met de nieuwste snufjes. ‘Ik ben heel erg van de oude meuk.’ Ze houdt spullen het liefst zo lang mogelijk en repareert ze wanneer dat kan. De vanzelfsprekendheid waarmee een telefoon na een paar jaar wordt vervangen, verbaast haar. Niet omdat nieuwe technologie haar niet interesseert, maar omdat ze weinig reden ziet om iets weg te doen dat nog prima functioneert. Een robotstofzuiger heeft ze dus niet. Ze kookt zelfs nog op gas, met het praktische argument dat ze bij een stroomstoring tenminste nog thee kan zetten. In haar denkbeeldige ruimtecamper zou daarom best een ouderwetse klok kunnen hangen die je met de hand moet opwinden. ‘Dan weet je in ieder geval hoe laat het is op Mars.’ Het klinkt bijna tegenstrijdig: gefascineerd zijn door de technologie van morgen en tegelijkertijd gehecht zijn aan de spullen van gisteren. Maar misschien is juist dat een interessante houding voor iemand die sciencefiction schrijft. Niet iedere nieuwe uitvinding maakt het leven automatisch beter en niet alles wat oud is, hoeft vervangen te worden. Sciencefiction als ideeënliteratuur Jango groeide op met de klassiekers van het genre. Hij begon als kind met Jules Verne en kwam vervolgens terecht bij H.G. Wells, Isaac Asimov, Arthur C. Clarke en Philip K. Dick. Anaïd ontdekte Nederlandse sciencefiction juist via een schrijver op KorteVerhalen.nl. Tot dat moment had ze, zoals ze zelf zegt, om de een of andere reden gedacht dat sciencefiction ‘iets Amerikaans’ was. De ontdekking dat een Nederlandse schrijver het ook gewoon kon doen, bracht haar op een simpele gedachte: misschien kon zij dat zelf ook. Die liefde voor korte verhalen is gebleven. Jango noemt sciencefiction zelfs ‘ideeënliteratuur’. Een roman geeft ruimte om een complete wereld uit te bouwen, maar soms is één sterk idee genoeg voor een kort verhaal. Wat gebeurt er als we niet meer hoeven te slapen? Wat doet tijdreizen met ons als we niet naar een historische periode reizen, maar terug ons eigen leven in? Welke problemen ontstaan als we steeds meer onderdelen van ons lichaam kunnen vervangen? Sciencefiction hoeft daarbij voor Jango en Anaïd niet te voorspellen hoe de toekomst werkelijk zal worden. Veel interessanter is de mogelijkheid om ermee te spelen. Om vanuit de wereld van vandaag vooruit te kijken en je af te vragen wat nieuwe ontdekkingen en technologie met ons leven zouden kunnen doen. Misschien hoeven we daarbij ook helemaal niet te weten welke voorspellingen uiteindelijk uitkomen. De mens blijft de mens, zoals Jango zegt. We zullen nieuwe problemen oplossen en er ongetwijfeld weer andere voor in de plaats krijgen. Maar ergens tussen al die mogelijke toekomsten liggen verhalen te wachten. Over mensen die niet meer hoeven te slapen. Over tijdreizigers, vervangbare lichaamsdelen en ruimtecampers die door het Melkwegstelsel trekken. Er zal eens... Voor een sciencefictionschrijver zijn die drie woorden misschien al genoeg om die toekomst in te stappen. Dit artikel is gebaseerd op mijn gesprek met Jango Mathijsen en Anaïd Haen over hun sciencefiction in ‘Er Zal Eens’ en ‘Ruimtebrekers’. Je kunt het beluisteren via de audiospeler bovenaan het bericht of als podcast in je favoriete luisterapp. Zoek naar ‘Fantasyfans.nl’. Links: Bestel de boeken van Django en AnaïdDjango Mathijsen: Website | Facebook | YouTubeAnaïd Haen: Website | Facebook | InstagramGezamenlijke Facebookpagina Get full access to Father Roderick at fatherroderick.substack.com/subscribe

  7. Aug 26

    Heilige koeien, steampunktheologie en 3D-Pokémon op de Tavern’s Market

    In het laatste deel van mijn wandeling door Nijmegen ontmoet ik opnieuw fantasyfans die de vreemdste ideeën omtoveren tot kunst, spellen en verhalen. Hoe verder ik over de Tavern’s Market in het Kronenburgerpark wandel, hoe duidelijker het wordt dat je op zo’n markt eigenlijk nooit weet wat je bij het volgende kraampje aantreft. Een heilige koe met engelenogen? Een steampunkwereld waarin relieken tot leven komen? Pokémonkaarten met echte diepte? Een koffiemok voor een storm cleric? Het staat er allemaal. Ghost of Yarn Bij Ghost of Yarn kom ik een combinatie tegen van sieraden, lino-art, stickers en werk waarin dode dieren een onverwacht tweede leven krijgen. Juist het extravagante karakter van dat werk trekt veel aandacht. Tegelijkertijd wil Yarn zich steeds meer richten op visuele kunst en wordt er gewerkt aan een portfolio met als doel een tattoo-apprenticeship. Zelf maken is daarbij belangrijk. Zo blijft niet alleen het creatieve proces in eigen handen, maar is ook duidelijk onder welke omstandigheden iets geproduceerd is. En voordat ik vertrek krijg ik nog een sticker mee van een wel heel bijzondere creatie: een koe omringd door de vele ogen van een serafijn. Een letterlijke heilige koe. Links:Ghost of Yarn: Instagram | website | webshop Steampunktheologie en levende relieken Een oude bekende op fantasy-evenementen is Bonsart Bokel, de maker van het steeds verder uitdijende steampunkuniversum rond The Association of Ishtar. Er wordt alweer gewerkt aan een volgende Kickstarter voor Cascade Girls 2, terwijl ook het derde deel in ontwikkeling is. Daarin krijgt een priester een belangrijke rol en wordt religie een groter onderdeel van de wereld. Dat leidt tot een fascinerend stukje worldbuilding. Wat gebeurt er bijvoorbeeld wanneer de rijk versierde skeletten van katholieke heiligen ineens daadwerkelijk tot leven komen? Het idee begon bij de zogenaamde catacomb saints, maar roept vervolgens allerlei vragen op. Hoe zou de Kerk reageren? Hoe verhoudt zo’n levend skelet zich tot ideeën over de verrijzenis van het lichaam? En wat motiveert zo’n heilige eigenlijk? Steampunktheologie dus. Zelfs voor mij was dat een nieuw genre. Links:The Association of Ishtar: websiteKickstarterInstagram | Facebook | YouTube Role Initiative: meer dan alleen een markt Ook de organisatie zelf heeft een kraam op het terrein, met spellen, dobbelstenen en zelfs kleine flesjes waarin magische spreuken opgerold zitten. De Tavern’s Market wordt georganiseerd vanuit Role Initiative en vindt dit jaar voor de tweede keer plaats. Daarnaast organiseert het team een groter evenement in Ewijk, Role Initiative Con, kortweg RINCON. Daar draait het niet alleen om kraampjes, maar ook om spellen en andere activiteiten. De volgende editie staat gepland als Halloween-editie. Links:Role Initiative: website | Instagram | FacebookRINCON: meer informatie Kobold Trinkets: Pokémonkaarten krijgen diepte Bij Kobold Trinkets vind ik kleine Koroks uit The Legend of Zelda: Breath of the Wild, allemaal met de hand gemaakt. Wie het spel kent, weet dat je daarin overal Koroks kunt ontdekken. Deze exemplaren kun je gelukkig gewoon thuis tussen je planten verstoppen. Nog opvallender zijn de 3D-Pokémonkaarten. Daarvoor worden verschillende exemplaren van dezelfde kaart laag voor laag uitgesneden en weer op elkaar geplaatst. Het resultaat is een Pokémonkaart waarin de illustratie letterlijk diepte krijgt. Wat je daarvoor nodig hebt? Een stapeltje kaarten, een scherp mes en vooral heel veel geduld. Links:Etsy: Kobold TrinketsInstagram: Kobold Trinkets Het Spelslot: je eerste trol verslaan Bij Spelslot worden bezoekers ondertussen zelf het avontuur ingetrokken. Tijdens de markt geven ze korte TTRPG-demo’s, en eerder die dag heb ik er zelf al een trol verslagen. Juist beginners zijn welkom. De sessies zijn bewust kort en de personages zijn eenvoudig gehouden, zodat je niet eerst een halve handleiding hoeft te bestuderen voordat je iets kunt doen. Daarmee krijg je wel meteen de essentie van een tabletop RPG mee: samen een personage spelen, keuzes maken en kijken wat er gebeurt. En voor je het weet heb je dus je eerste trol verslagen. Links:Spelslot: websiteFacebook | Instagram Van discohaaien tot digitale kunst Bij de stand van Magicraeft en Sonoscribs liggen kleurrijke prints, stickers en buttons, maar ook zelfgemaakte knuffels. De tekeningen worden digitaal gemaakt, waarbij de stijl steeds wordt aangepast aan het onderwerp. De ene illustratie neigt naar anime, de andere naar cartoons. Ook de knuffels lopen behoorlijk uiteen, van kikkertjes en walvissen tot een glitterende haai. Of beter gezegd: een discohaai. Links:Magicraeft: InstagramSonoscribs: Instagram Fantasykeramiek dat je gewoon kunt gebruiken Bij het laatste keramiekkraampje lijkt bijna ieder voorwerp uit een fantasywereld afkomstig. Naomi Petersen werkt met aardewerk en porselein en maakt bewust functionele kunst. Een beker moet er niet alleen bijzonder uitzien, je moet er ook daadwerkelijk koffie, thee of chocolademelk uit kunnen drinken. Zo ontdek ik een keramische reismok die eruitziet alsof hij voor een storm cleric is gemaakt, compleet met organische vormen en een stafachtig handvat. Andere werken zitten vol paddenstoelen en kleine dieren. Zelfs drainagegaatjes van plantenpotten worden slim in het ontwerp verstopt. Bijzonder is ook een beker die eruitziet alsof er een complete dwarsdoorsnede uit de aarde is gehaald. Helemaal onderaan zit, als een archeologische vondst, een kleine dinosaurus verborgen. Na enkele jaren als hobby is Naomi sinds kort fulltime met keramiek bezig. Juist het handgemaakte karakter moet het werk onderscheiden van massaproductie. Sommige vormen zijn zo ingewikkeld dat ze nauwelijks met een mal na te maken zouden zijn. Links:Naomi Petersen Ceramics: WebsiteInstagram Zelfgeschreven D&D avonturen Vlak voor het einde van mijn wandeling ontdek ik nog een kraam met zelfgeschreven avonturen voor Dungeons & Dragons. Niet alleen de verhalen zijn zelf bedacht, ook de werelden en het artwork eromheen zijn door de makers ontwikkeld. Opvallend is de aandacht voor queer D&D-avonturen, compleet met illustraties, locaties en eigen personages. Achter ieder kraampje zit een verhaal Na drie afleveringen op de Tavern’s Market blijft voor mij vooral dat laatste hangen. Natuurlijk kun je op zo’n markt dobbelstenen, kunst, boeken, sieraden, keramiek en knuffels kopen. Maar er gebeurt iets bijzonders wanneer je aan iemand vraagt: “Heb je dit zelf gemaakt?” Dan komt het verhaal. Over een hobby die uitgroeide tot een onderneming. Over een vreemde tekening die ineens een complete wereld werd. Over iemand die jarenlang oefende om een ambacht onder de knie te krijgen. Of over een fantasiewereld die steeds groter wordt omdat er telkens nieuwe verhalen ontstaan. Daarom zijn juist dit soort kleinere fantasymarkten zo leuk. Je hebt er nog de tijd om bij een kraampje te blijven hangen en een gesprek aan te knopen. En de kans is groot dat je diezelfde mensen een paar maanden later op een ander fantasyfestival opnieuw tegenkomt. Get full access to Father Roderick at fatherroderick.substack.com/subscribe

  8. Aug 25

    Trollen, gehaakte draken en vreemde wezens op de Tavern’s Market

    In het tweede deel van mijn wandeling over de Tavern’s Market ontmoet ik de koning van het evenement, creatieve makers, schrijvers en een paar wezens die je waarschijnlijk nergens anders tegenkomt. Wat maakt een fantasymarkt leuker dan simpelweg een verzameling kraampjes? Op de Tavern’s Market in het Kronenburgerpark in Nijmegen blijkt het antwoord al snel: de mensen die er rondlopen en de verhalen die zij meenemen. In het tweede deel van mijn wandeling ontmoet ik opnieuw een bonte verzameling fantasyfans. En dit keer moet er zelfs een trol aan geloven. King Derran: een markt waar je zelf op avontuur gaat King Derran loopt niet voor niets met kroon en koninklijke wandelstok rond. Hij is de organisator van de Tavern’s Market en verzamelt de standhouders, activiteiten en bezoekers die samen zijn kleine koninkrijk vormen. Daarbij vindt hij het belangrijk dat bezoekers méér kunnen doen dan alleen spullen kopen. Miniaturen schilderen, dungeon tiles maken of samen een trol verslaan, het zijn juist die activiteiten waardoor onbekenden ineens samen op avontuur gaan. Dat sluit aan bij wat Derran zo mooi vindt aan TTRPG’s en bordspellen: je hoeft elkaar niet te kennen om samen een doel te hebben. Zet een trol voor een groep vreemden neer en je hebt meteen iets om over te praten. En er zijn alweer plannen voor de toekomst. Zo wil Derran TTRPG combineren met kunst in een project voor jongeren, waarbij deelnemers onder andere schrijven, schilderen, miniaturen maken en uiteindelijk hun eigen avontuur creëren. Links:Role Initiative Con: website | Facebook | Instagram Het Haakwerk van Lu: van oma’s haakles tot draken en octopussen Bij Het Haakwerk van Lu hangen draken, dino’s, bijtjes, kikkers, walvissen, kippen en zelfs een knuffelbare winterpeen. Luca leerde haken van haar oma, die vooral dekentjes en kleding maakte. Vijftien jaar geleden kwam Luca met een pakket voor een gehaakt aapje bij haar aanzetten. Het kostte naar eigen zeggen “bloed, zweet en tranen”, maar daarna is ze nooit meer gestopt. Inmiddels maakt ze niet alleen knuffels en sleutelhangers, maar ook babyspullen en werk op aanvraag. Haar handelsmerk is de octopus. Wat ooit begon met het uitdelen van gehaakte octopussen aan vrienden en familie, groeide uiteindelijk uit tot een complete marktkraam. Rijk wordt ze er niet van. Een klein figuurtje kost al snel een uur tot anderhalf uur werk. Maar juist het idee dat iemand jarenlang plezier kan hebben van iets dat zij heeft gemaakt, vindt Luca belangrijker. Links:Instagram | Facebook Even buurten bij bekende fantasyschrijvers Op de markt kom ik ook een aantal bekende gezichten tegen. Cocky van Dijk is er met haar handgemaakte sieraden en natuurlijk haar boeken. Het tweede deel van haar Doodschap-serie is inmiddels verschenen en ondertussen wordt er alweer hard gewerkt aan deel drie. Dat moet de trilogie afsluiten, maar afscheid nemen van de wereld lijkt er nog niet in te zitten. Tijdens het schrijven zijn alweer nieuwe verhalen en ideeën ontstaan. Even verderop staan Django Mathijsen en Anaïd Haen met een indrukwekkend breed assortiment aan verhalen, van sciencefiction en volwassen fictie tot kinderboeken. Nieuw is de verhalenbundel Fantascoop, gericht op jonge lezers vanaf ongeveer tien jaar. Ondertussen werkt Django aan iets heel anders: een western die zich grotendeels afspeelt in het Oklahoma van de late negentiende eeuw. Voor hem betekent dat vooral heel veel historisch onderzoek. Anaïd werkt intussen aan een verhaal in de Romeinse tijd. Links:Cocky van Dijk: website | Instagram | FacebookDjango Mathijsen: website | FacebookAnaïd Haen: website | Instagram | Facebook Art Mantonio: een ramenmonster met eetstokjes als horens Soms hoef je maar één tekening te zien om bij een kraam te blijven staan. Bij Art Mantonio is dat voor mij een uit de hand gelopen kom ramen. Uit de soep rijst een compleet monster omhoog, met onder andere een ei, een viscakeje en twee eetstokjes als horens. Het wordt een food token voor Magic: The Gathering. Dat vreemde, enigszins duistere en tegelijkertijd grappige typeert zijn tekenwerk. Inspiratie komt uit games, films, boeken en TTRPG’s. Antonio houdt van groteske vormen en probeert in iedere tekening iets te stoppen waardoor je als voorbijganger nog een tweede keer kijkt. Hoewel hij games en game art heeft gestudeerd en voor zijn werk veel digitaal maakt, tekent hij in zijn vrije tijd juist graag met potlood. Geen Photoshop of tablet, gewoon een schetsboek op de bank of in de trein. En verkopen is niet eens het belangrijkste. Hij neemt zijn werk vooral mee omdat hij het leuk vindt wanneer mensen blijven staan, kijken en vragen stellen. Links:Instagram: @artmantonio Een tweede leven voor Alice in Wonderland en Mary Poppins Een paar meter verder lijkt een kraam bijna op een kleurrijk theekransje. Alice in Wonderland, Mary Poppins, pompoenen en andere figuren duiken op tussen beschilderde voorwerpen. Vrijwel alles wordt zelf gemaakt. Voor het beschilderde keramiek worden vaak tweedehands voorwerpen gebruikt, die zo een nieuw leven krijgen. Dat is arbeidsintensiever dan het misschien lijkt. Vooral tekenen op ronde vormen is lastig, omdat een illustratie vanuit verschillende hoeken moet blijven kloppen. Aan sommige stukken wordt maandenlang gewerkt. Adopteer een Snorf En dan ontmoet ik misschien wel de vreemdste bewoners van de Tavern’s Market: Snorfs. Deze kleine wezens komen voort uit een zelfbedachte wereld rond het fictieve Instituut Clovis. Volgens hun bedenker zijn Snorfs per ongeluk in een laboratorium ontstaan. Inmiddels zijn ze zo afhankelijk geworden van mensen dat ze niet meer in het wild kunnen leven. De oplossing is logisch: ze moeten geadopteerd worden. Gelukkig zijn ze gemakkelijk te voeden. Snorfs leven namelijk van de natuurlijke achtergrondstraling op aarde. Zelfs een banaan bevat genoeg om voor een Snorf interessant te zijn. En daar blijft de wereldbouw niet bij. Naast Snorfs zijn er personages als Scrumpy de paddenstoel, Blompy en Wimbit, waarvoor inmiddels ook aan een kleine comic wordt gewerkt. Zelfs beschilderde stenen krijgen een verhaal. De zogenaamde Pieper Rocks combineren het idee van een pet rock met het boze oog uit de folklore. Het oog kijkt niet boos naar jou, maar naar alles wat jou kwaad zou willen doen. Het is precies het soort fantasie waar ik van hou: niet alleen iets tekenen of maken, maar meteen bedenken waar het vandaan komt, hoe het leeft en welk verhaal erachter zit. Links:Website | Korwynze webshopInstagramBlompy’s Big Adventure Comic Fantasy draait uiteindelijk om mensen Na twee wandelingen over de Tavern’s Market valt vooral op hoeveel verschillende vormen creativiteit kan aannemen. De een schrijft een boek, de ander haakt een draak, tekent een ramenmonster of verzint een complete biologie voor een Snorf. Maar misschien had King Derran aan het begin van deze aflevering wel het belangrijkste punt te pakken. Een markt als deze wordt pas interessant wanneer mensen niet alleen komen om iets te kopen, maar om elkaar te ontmoeten en samen iets te beleven. Desnoods door gezamenlijk een trol te verslaan. Get full access to Father Roderick at fatherroderick.substack.com/subscribe

About

Fantasyfans is de Nederlandstalige podcast voor liefhebbers van fantasy, boeken en verhalen. Presentator Roderick Vonhögen ontmoet schrijvers, illustratoren, cosplayers, kunstenaars en andere makers uit de Nederlandse en Vlaamse fantasywereld. Ontdek nieuwe fantasyboeken en auteurs, luister naar de verhalen achter bijzondere werelden en personages en maak kennis met de creativiteit van cosplayers, tekenaars en andere makers. Ook bezoeken we fantasyfestivals zoals Castlefest en Elfia, waar fantasy fans, schrijvers en makers samenkomen. Of je nu graag fantasy leest, zelf verhalen schrijft, aan cosplay doet of gewoon nieuwsgierig bent naar de mensen achter het genre, Fantasyfans laat je kennismaken met wat er allemaal leeft in de fantasywereld. Nieuwe interviews en verhalen verschijnen regelmatig. fatherroderick.substack.com

You Might Also Like