Onvolwassen Jeugdrecht

Marco Erkens en Rogier Scheele

Advocaten Marco Erkens en Rogier Scheele hebben veel ervaring met hoe jeugdzorg en rechters omgaan met ondertoezichtstelling en uithuisplaatsingen. Daar gaat in hun ogen veel mis en kan er veel verbeterd worden. In elke aflevering bespreken ze aan de hand van een uitspraak problemen vanuit hun juridische blik.

  1. Aug 30

    Rechter benadrukt de grote inspanningsverplichting voor omgang, maar dat is hier een lege huls.

    Het gerechtshof benadrukt grote inspanningsverplichting om omgang mogelijk te maken, maar laat de invulling over aan de gecertificeerde instelling en die lukte het al jaren niet om omgang te realiseren. Een lege huls.  Uitspraak gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11 augustus 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:5235 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2026:5235  Raad voor de kinderbescherming woont bij rechtbank Den Haag niet langer zitting bij zonder de stukken te kennen. 
https://www.kinderbescherming.nl/actueel/nieuws/2025/04/01/onze-herziene-werkwijze-in-den-haag.  Geen vrijwillige uithuisplaatsing sinds de wetswijziging in 2015.  - artikel 1:265a BW: “Plaatsing van de minderjarige gedurende dag en nacht buiten het gezin geschiedt  uitsluitend met een machtiging tot uithuisplaatsing.“ - Memorie van toelichting: “Dit artikel bepaalt dat een minderjarige die onder toezicht is gesteld slechts met een machtiging tot uithuisplaatsing uit huis kan worden geplaatst. Dit is een wijziging ten opzichte van het huidige derde lid van artikel 258. Tot nu toe kon het bureau jeugdzorg een minderjarige dag en nacht uit huis plaatsen zonder machtiging uithuisplaatsing, indien van geen bezwaar van de ouders was gebleken.” Kamerstukken II, 32015, blz. 29.  - Enkele vindplaatsen van uitspraken: ECLI:NL:GHARL:2016:8083 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2016:8083  ECLI:NL:GHARL:2021:1736 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:1736 , ECLI:NL:RBZWB:2026:5131 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:5131 , en ECLI:NL:RBDHA:2026:2311 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:2311 .  Hoge Raad 12 juli 2024: gecertificeerde instelling is informant (en geen belanghebbende) in een procedure tussen ouders terwijl het kind ook onder toezicht staat. ECLI:NL:HR:2024:1079 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2024:1079 . “Een beslissing in een dergelijke zaak kan de taakuitoefening van de gecertificeerde instelling weliswaar raken, maar dat betekent niet dat de zaak rechtstreeks betrekking heeft op de rechten of verplichtingen van de gecertificeerde instelling. De beslissing heeft immers niet tot gevolg dat de ondertoezichtstelling eindigt en brengt geen verandering in de wettelijke taken en bevoegdheden van de gecertificeerde instelling, zoals onder meer vermeld in titel 14, afdeling 4, van Boek 1 BW. “  Hoge Raad: invulling omgang kan een rechter tijdelijk overlaten aan een derde, maar ouder kan altijd terug naar rechtbank: Hoge Raad 28 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:748 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:748   “Gelet op het voorgaande berust de beslissing van het hof om de moeder te verplichten medewerking te verlenen aan een voorlopige omgangsregeling waarbij vorm, frequentie en duur van de omgang aan het Omgangshuis worden overgelaten, op een wettelijke grondslag en is dit oordeel niet in strijd met art. 8 EVRM. Daarop stuit het onderdeel af. Dit laat onverlet dat het in het algemeen aanbeveling verdient dat de rechter aanwijzingen geeft over frequentie en duur van de aldus te organiseren contacten tussen het kind en de niet-verzorgende ouder. Voorts kan iedere ouder zich tot de rechter wenden indien hij of zij meent dat de nadere vormgeving van de omgangsregeling door het Omgangshuis op enig punt niet aanvaardbaar is. De rechter die de nadere vormgeving van een voorlopige omgangsregeling overlaat aan een instantie als het Omgangshuis, blijft immers verantwoordelijk voor de vaststelling van de omgangsregeling en behoudt dan ook de mogelijkheid deze te veranderen.” Hoge Raad 14 december 2018, ECLI:NL:HR:2018:2321 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2018:2321   “Dit brengt mee dat de gecertificeerde instelling niet langer aan de algemene aanwijzingsbevoegdheid van art. 1:263 BW de bevoegdheid kan ontlenen tot het geven van contactbeperkende aanwijzingen. Buiten het geval van uithuisplaatsing (waarvoor art. 1:265f BW een bijzondere regeling bevat) dient de gecertificeerde instelling zich dus steeds op de voet van art. 1:265g BW tot de kinderrechter te wenden wanneer zij voor de duur van de ondertoezichtstelling contactbeperkende maatregelen in het belang van de minderjarige noodzakelijk acht. Dit betekent dat niet langer grond bestaat voor een verruiming van het toepassingsbereik van art. 1:265f BW tot andere gevallen dan uithuisplaatsing.” Hoge Raad 5 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1664 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2021:1664  “In dit geval is het echter de rechter zelf die, in het kader van de vaststelling van de zorgregeling, de gezinsvoogd ruimte laat om – tijdelijk, voor de duur van de ondertoezichtstelling – de contacten tussen de minderjarige en een van de ouders te beperken. Indien de rechter dat in het belang van het kind noodzakelijk acht, staat hem dat vrij. (…) Opmerking verdient dat indien de vader of de moeder het niet eens is met de wijze waarop de gezinsvoogd gebruikmaakt van de hem door het hof gegeven bevoegdheid om de zorgregeling te wijzigen, hij of zij zich op de voet van art. 1:262b BW tot de kinderrechter kan wenden. Verder kan hij of zij in geval van gewijzigde omstandigheden de rechtbank verzoeken de zorgregeling te wijzigen (art. 1:253a lid 4 BW in verbinding met art. 1:377e BW).” Reageren? podcast@eadvocaten.nl

  2. Jul 5

    Gerechtshof spreekt ten onrechte ambtshalve ondertoezichtstelling uit

    Conclusie PG 13 maart 2026 Hof mag niet ambtshalve ondertoezichtstelling opleggen ECLI:NL:PHR:2026:246 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:PHR:2026:246  Hoge Raad 29 mei 2026 - Nevenvoorzieninigen als bedoeld in artikel 827 Rv kunnen in elk fase worden verzocht, ook voor het eerst in hoger beroep.  - Uitzondering op twee conclusie regel geldt bij eenhoofdig gezag, alimentatie, omgangsregeling, en vervangende toestemming verhuizen of terugverhuizen
Actuele omstandigheden.  ECLI:HR:2026:808 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:808  Hoge Raad 9 juli 2021 Rechtmatigheidstoets.  Beoordeling machtiging uithuisplaatsing na verloop duur.  Beschikking kan worden vernietigd en inleidend verzoek kan worden afgewezen, ook al kan de uitvoering van maatregelen niet ongedaan worden gemaakt.  ECLI:NL:HR:2021:1112 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2021:1112  Hoge Raad 9 juli 2021 Contrair  Nadat de maatregel van rechtswege is geëindigd, kan deze niet meer worden verlengd. In eerste aanleg, voeg ik toe.   Opnieuw ondertoezichtstellen kan wel.  ECLI:NL:HR:2021:1113 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2021:1113  Hoge Raad 5 juni 2026 Uitzondering op 2 conclusie regel bij verhuiszaak.  10-dagen regel geldt niet zonder meer en vergt een beoordeling over strijd met goede procesorde ECLI:NL:HR:2026:845 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:845  Hoge Raad 29 september 2023 “De tweeconclusieregel staat er niet aan in de weg dat reeds eerder aangevoerde grieven, stellingen of verweren nader worden uitgewerkt of gepreciseerd”.  ECLI:NL:HR:2023:1334 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2023:1334  Reageren? podcast@eadvocaten.nl

  3. Jun 14

    Rechter stelt bij omgang ook verdeling reiskosten vast.

    Hoge Raad 20 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:976,  https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2025:976    Rechter kan in het kader van het bepalen van contact tussen ouder en kind ook een verdeling van de reiskosten vaststellen. Dit kan zowel bij een procedure tussen ouders met gezag, als tussen een ouder met gezag en zonder, en wat ons betreft dus ook tussen een ouder met gezag en in relatie tot jeugdzorg.    Reiskosten horen dus niet thuis bij de alimentatie. Anders oordeelde nog het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 29 augustus 2023 ECLI:NL:GHARL:2023:7257, https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2023:7257  Voor een beslissing over reiskosten in het kader van de alimentatie ontbreekt de wettelijke grondslag, aldus het hof. De Hoge Raad ziet dat dus anders.    Indien de voorwaarden aan beperking van het contact worden gewijzigd, Zou dat geen beslissing zijn in het kader van de beperking van de omgang ex artikel 1:265f BW. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 25 november 2020, ECLI:NL:GHARL:2021:11804 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:11804  Of dat juist is valt dus te betwijfelen.    Koppelingen met het jeugdrecht: 1.          1:265f BW: voorwaarden aan een omgangsregeling vallen dus onder artikel 1:265f BW en niet onder 1:263  2.          Rechter kan bepalen dat GI een rol moet spelen in reiskosten (als kind verder weg wordt geplaatst)    Een GI stelt vaak: de ouder is verantwoordelijk voor reiskosten. Zo zwart wit is dat niet.  Rechtbank Rotterdam oordeelt op 25 november 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:11959 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:11959 :  Nee, zegt rechter: GI moet in sommige situaties zoals een buitenregionale plaatsing het voortouw nemen in het verkrijgen van duidelijkheid omtrent mogelijke vergoedingen.    Rechtbank Limburg oordeelt op 21 maart 2023 (ECLI:NL:RBLIM:2023:2035, https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2023:2035) dat bekeken moet worden in het kader van de bijzondere bijstand of de reiskosten de normale binnen het familieband gebruikelijke kosten overstijgen.    Sommige rechters benadrukken de beleidsvrijheid van de gecertificeerde instelling. Zie ook rechtsoverweging 2.5 in ECLI:NL:PHR:2020:70, https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:PHR:2020:70    Reageren? podcast@eadvocaten.nl

  4. May 31

    Beschikkingen machtiging uithuisplaatsing onrechtmatig

    Uitspraak gerechtshof Den Bosch 12 februari 2026 ECLI:NL:GSHSE:2026:353 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2026:353  Hoge Raad 9 juli 2021, uitspraak kan ook vernietigd worden als de termijn is verstreken. Maatregel is niet rechtmatig.  ECLI:NL:HR:2021:1112  https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2021:1112  Uitspraak Hoge Raad 18 maart 2022 Uitspraak kan vernietigd worden als deze niet is uitgevoerd.  ECLI:NL:HR:2022:395,  https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2022:395  Uitspraak gerechtshof 16 augustus 2017, Beperking contact zonder besluit is onrechtmatig,  ECLI:NL:GHDHA:2017:2792  https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2017:2792  EHRM Strand Lobben, gebruik maken rechtsbescherming mag niet tegen je gebruikt worden. EHRM 10 September 2019 nr 37283/13 Paragraaf 212: “From the foregoing considerations it follows that natural parents’ exercise of judicial remedies with a view to obtaining family reunification with their child cannot as such be held against them.”  https://hudoc.echr.coe.int/fre?i=001-195909  Gerechtshof Amsterdam 16 december 2025. Doorbrekingsgronden moeten wel worden aangevoerd.  ECLI:NL:GHAMS: 2025: 3535 https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2025:3535  EHRM 29 maart 2016, KOCHEROV AND SERGEYEVA tegen Rusland, 16899/13  https://hudoc.echr.coe.int/fre?i=001-161760  Paragraaf 104: In the light of the foregoing, the Court is not persuaded that the domestic courts convincingly demonstrated that the second applicant’s transfer into the first applicant’s care would be stressful for her to the extent that it made it necessary for her to remain in public care for another year. In the Court’s view, they chose a formalistic approach, simply endorsing the position of the representative of the children’s home, supported by the municipal custody and guardianship agency and public prosecutor (see paragraphs 26-27 above), and silently ignoring all evidence and arguments to the contrary advanced by the first applicant.

About

Advocaten Marco Erkens en Rogier Scheele hebben veel ervaring met hoe jeugdzorg en rechters omgaan met ondertoezichtstelling en uithuisplaatsingen. Daar gaat in hun ogen veel mis en kan er veel verbeterd worden. In elke aflevering bespreken ze aan de hand van een uitspraak problemen vanuit hun juridische blik.